Belastingaangifte doen

Waarmee moet u rekening houden bij uw belastingaangifte? Bekijk onderstaande aandachtspunten.

De uitleg op deze pagina is een korte toelichting. U kunt hieraan geen rechten ontlenen. We geven geen advies over wat u moet doen bij uw belastingaangifte. Raadpleeg voor advies uw belastingadviseur of accountant. 

 

Inkomstenbelasting en dividendbelasting

Heeft u in 2020 dividend ontvangen van Nederlandse bedrijven? De Nederlandse dividendbelasting is 15% van het brutobedrag. U vult het dividend dat u ontvangen heeft in bij 'te verrekenen bedragen'» 'ingehouden dividendbelasting'. Deze dividendbelasting kunt u volledig verrekenen met de inkomstenbelasting die u moet betalen. Hoeft u geen inkomstenbelasting te betalen? Dan krijgt u het bedrag van de ingehouden dividendbelasting terug van de Belastingdienst.

Woningfinanciering

Aftrekbare (rente)kosten voor uw eigen huis
Kosten die rechtstreeks verband houden met het opnemen, verlengen of aflossen van een geldlening in box 1 voor uw eigen huis zijn fiscaal aftrekbaar van uw belastbaar inkomen in box 1 over het jaar waarin u de kosten heeft betaald. Het gaat onder andere om advies- en bemiddelingskosten voor uw hypotheekadviseur, notariskosten en kadastrale rechten voor de hypotheekakte, taxatiekosten om de hypotheek te krijgen en kosten voor de aanvraag van de Nationale Hypotheek Garantie.

Kostenaftrek voor vergoeding bij oversluiten of vervroegde terugbetaling
Heeft u in 2020 een vergoeding betaald voor het oversluiten of vervroegd terugbetalen van de hypotheek voor uw eigen huis? Dan mag u deze vergoeding in box 1 in aftrek brengen.

Informatieverplichting bij woningfinanciering
Heeft u voor uw eigen huis geld geleend van bijvoorbeeld een familielid of van uw vennootschap? Let u er dan op of u informatie moet geven over deze geldlening in uw belastingaangifte. Het gaat om geldleningen waarop u onder andere verplicht moet aflossen tijdens de looptijd van de geldlening om in aanmerking te komen voor de (rente)kostenaftrek. De Belastingdienst moet namelijk kunnen controleren of u voldoende heeft afgelost op deze geldlening.

Scheiding

Partneralimentatie
Als u partneralimentatie moet betalen aan uw ex-partner, is deze alimentatie meestal fiscaal aftrekbaar. Uw ex-partner moet hetzelfde bedrag als belastbaar inkomen in zijn/haar aangifte inkomstenbelasting opnemen. Kinderalimentatie is niet aftrekbaar. De verplichting om kinderalimentatie te betalen is ook geen schuld in box 3.

Hypotheekrenteaftrek bij echtscheiding
Heeft u uw vorige eigen huis verlaten vanwege een (voorgenomen) echtscheiding, terwijl uw ex-partner daar nog woont? Dan kunt u nog maximaal 24 maanden nadat u dat huis definitief heeft verlaten, gebruikmaken van de hypotheekrenteaftrek over uw eigendomsgedeelte. U moet dan ook in die periode het eigenwoningforfait voor uw eigendomsgedeelte vermelden. Daar staat bij u een aftrekpost in de vorm van partneralimentatie voor hetzelfde bedrag tegenover. U heeft immers woongenot verschaft aan uw ex-partner.

Box 3

Bezittingen in box 3
In box 3 wordt het forfaitair inkomen uit sparen en beleggen belast met inkomstenbelasting. Het vermogen in deze box bestaat onder andere uit spaargeld, effecten, een tweede woning en verhuurd vastgoed. De eerste € 30.846 aan vermogen is in 2020 in ieder geval vrijgesteld (fiscaal partners: samen € 61.692) als ‘heffingvrij vermogen’. Daarnaast zijn er nog enkele specifieke vrijstellingen in box 3 die u mogelijk kunt benutten. Op 1 januari van ieder jaar om 0:00 uur wordt uw vermogen in box 3 bepaald. Daarover berekent de Belastingdienst de te betalen inkomstenbelasting in deze box voor het gehele komende kalenderjaar. U hoeft niet al uw bezittingen op te geven in box 3. Niet tot box 3 behoren bijvoorbeeld bezittingen voor eigen gebruik of voor gebruik binnen uw gezin, zoals uw eigen auto, de inboedel van uw huis en het gespaarde bedrag van uw levensloopregeling. Daarover hoeft u geen inkomstenbelasting te betalen in box 3.

Prijs in de loterij
Had u op 1 januari 2020 om 0:00 uur een prijs ontvangen of had u toen recht op uw prijs, omdat de trekking al eerder had plaatsgevonden? Dan behoort het bedrag van uw prijs tot uw vermogen voor box 3 op deze peildatum. Het moment waarop uw prijs is bijgeschreven op uw bankrekening, is daarvoor niet van belang. Als u de prijs bijvoorbeeld eind 2019 heeft gewonnen, moet u het bedrag opgeven in uw aangifte inkomstenbelasting over 2020. Als u de prijs in 2020 heeft gewonnen, gaat het om uw aangifte inkomstenbelasting over 2021.

Studie

Studiekosten
Volgde u in 2020 een opleiding of studie voor uw (toekomstige) werk waarvoor u studiekosten maakte? Dan zijn bepaalde bedragen die u in 2020 betaalde onder bepaalde voorwaarden aftrekbaar als scholingsuitgaven. Eerst in box 1, en als u nog aftrekbare studiekosten overhoudt, in box 3 en box 2. Het gaat onder andere om collegegeld, cursusgeld, lesgeld of examengeld. En bijvoorbeeld niet om reiskosten en de kosten van een laptop, tablet of printer. Op de pagina ‘ Mag ik mijn studiekosten aftrekken voor een opleiding voor mijn werk? ’ leest u hier meer over. Denk eraan dat u deze aftrekpost in 2020 en in 2021 mogelijk nog kunt benutten. Naar verwachting wordt deze regeling per 2022 vervangen door een subsidieregeling.

Eigen bedrijf

Werkruimte voor de onderneming
Gebruikt u een afzonderlijke werkruimte in uw huis voor uw onderneming? Dat kan bijvoorbeeld ook een BV zijn. Dan kunt u mogelijk in aanmerking komen voor kostenaftrek bij uw onderneming. Hiervoor gelden strikte regels. Voor een beperkt aantal situaties heeft de Belastingdienst een hulpmiddel ontwikkeld.

Vordering op en schuld aan uw BV
Als u geld heeft geleend van uw BV, heeft de BV een vordering op u. U betaalt dan een (zakelijke) rente aan uw BV. Deze schuld behoort tot box 1 of box 3. Heeft u de geldlening gebruikt voor de aankoop, verbouwing of onderhoud van uw eigen huis? Dan behoort deze geldlening in principe tot box 1. Er is dan sprake van een eigenwoningschuld. De geldlening behoort ook tot box 1 als u het geleende bedrag gebruikt om een bezitting aan te kopen die u vervolgens aan uw BV ter beschikking stelt. In andere gevallen zal de schuld meestal tot box 3 behoren. Als u geld heeft geleend aan uw BV, heeft u een vordering op uw BV en behoort deze vordering in principe tot box 1.

Heeft u met uw BV een rekening-courantverhouding met wisselende debet- en creditstanden? Als het saldo van deze rekening-courantverhouding gedurende het gehele jaar niet hoger is dan € 17.500 en niet lager dan € -17.500, kunt u de rente buiten beschouwing laten in uw belastingaangifte. U neemt dan ook geen rekening-courantschuld op in box 3.