Naar de navigatie Naar de inhoud

Woningmarktmonitor juli 2017

Woningmarktmonitor juli 2017

Woningprijzen én aantal woningverkopen stijgen dit jaar nóg meer dan verwacht!

6 juli 2017

Het aantal woningverkopen komt dit jaar nóg hoger uit dan begin van het jaar werd gedacht. Het Economisch Bureau van ABN AMRO verwacht ten opzichte van 2016 een stijging van het aantal verkopen met maar liefst 15%. Eerder ging zij uit van een stijging van 5%. Ook de woningprijzen stijgen in 2017 meer dan eerder voorspeld. Het Economisch Bureau verwacht een stijging van 7% in plaats van de voorheen gedachte 5%. Het gemiddelde prijspeil van woningen komt daarmee in de buurt van de piek in 2008, zo staat in de nieuwe Woningmarktmonitor van juli 2017 (pdf, 926kB).

Grafiek prijsstijging woningmarkt 2017

Verwachtingen 2018

Het Economisch Bureau van ABN AMRO stelt ook voor een deel de verwachtingen voor 2018 bij. De economen denken dat de prijzen volgend jaar met 5% stijgen. Tot nu toe ging het Economisch Bureau uit van een lichtere stijging, namelijk van 3%. De economen houden vast aan een daling van het aantal woningverkopen in 2018 ten opzichte van dit jaar. ABN AMRO gaat uit van een daling van 5%.

Meer woningtekort én lage hypotheekrente

Philip Bokeloh, econoom bij ABN AMRO: "De gemiddelde vraagprijs voor een woning is momenteel € 331.000,-. Dat is 7,6% hoger dan een jaar geleden. De belangrijkste reden voor deze forse stijging is de toenemende schaarste. Tijdens de crisis is de bouw van nieuwbouwwoningen sterk teruggevallen. Hoewel de bouw weer aantrekt, blijft het aantal opgeleverde woningen achter bij de groei van het aantal huishoudens. Daar komt voorlopig waarschijnlijk geen eind aan. Ook blijft de hypotheekrente laag. We verwachten dat deze in de loop van 2017 stijgt, maar dat gaat minder hard zijn dan we eerder meenden. Vanwege de sterke resultaten over de eerste 5 maanden van het jaar én de lagere hypotheekrenteverwachtingen, verhogen we onze ramingen. Mocht de hypotheekrente alsnog stijgen, dan hoeft dit voor de meeste huizenbezitters niet direct een probleem te vormen. De afgelopen jaren is de voorkeur voor een lange rentevastperiode sterk toegenomen. Het kan dus lang duren voordat hypotheekgevers geconfronteerd worden met hogere maandlasten."

Oververhitting in grote steden

Nadat eerder het aantal woningverkopen vooral in de grote steden van de Randstad steeg, ervaren nu ook andere regio’s een opleving. In sommige steden is zelfs sprake van oververhitting. Kopers moeten steeds sneller bieden en boven de vraagprijs bieden vormt er geen uitzondering meer. De stijging van de verkopen is het sterkst in de provincies die eerder nog achterbleven. In de provincies die voorop liepen in het herstel (Noord-Holland, Utrecht en Groningen), stijgt de verkoop nu minder hard. Een belangrijke oorzaak hiervan vormt het geslonken woningaanbod. Hierdoor kunnen kopers minder makkelijk een geschikte woning vinden. In mei stonden nog 105.000 bestaande woningen te koop: 41.000 minder dan een jaar geleden. Vooral in de grote steden daalt het aanbod snel. Behalve door de toegenomen verkopen komt dit ook doordat verkopers willen voorkomen dat zij zonder huis komen te zitten en wachten met hun woning te koop zetten. Zo kunnen zij bovendien profiteren van eventuele verdere prijsstijgingen.

Meer woningverkopen zonder hypotheek

Omdat kopers steeds sneller moeten beslissen om kans te maken op een succesvol bod, vindt een verschuiving plaats in de financiering. Een groeiende groep kopers doet een bod zonder voorbehoud van financiering en laat de bouwkundige toetsing schieten. Deze strategie brengt wel risico’s met zich. Bouwkundige gebreken die later aan het licht komen, kunnen kostbaar uitvallen. Verder riskeren kopers die het contract ontbinden, een boete van 10% van de koopsom en hoger. De haast bij het kopen van een huis wordt overigens versterkt door de grotere activiteit van particuliere beleggers. Die hebben de beschikking over eigen middelen, zijn minder afhankelijk van hypothecaire financiering, en kunnen zodoende sneller handelen bij aanschaf van een woning. De toegenomen belangstelling van beleggers vormt een deel van de verklaring waarom het aantal woningen dat zonder hypotheek wordt gekocht, stijgt.

Huizenprijzen bijna zo hoog als voor crisis

Het was in 2002 voor het laatst dat woningen zo fors in waarde stegen. Toen lag de inflatie flink hoger, dus in werkelijkheid stijgen de prijzen momenteel harder dan toen. Als het prijspeil in het huidige tempo blijft stijgen, komt de piek van voor de crisis vlot in zicht. Wel zijn er volgens het Economisch Bureau regionale verschillen, waarbij met name in de grote steden relatief veel woningen boven de vraagprijs van eigenaar wisselen. In omliggende gemeenten stijgen de prijzen ook sterk.

Ruimere inkomensnormen

Wat ook een stevig stempel drukt op de prijsontwikkeling zijn de inkomensnormen. Die bepalen tenslotte hoeveel huizenkopers op basis van hun inkomen en de rente mogen lenen. De laatste jaren heeft het partnerinkomen een steeds zwaarder gewicht gekregen bij de berekening van de maximale hypotheek. Momenteel weegt het 2e inkomen voor 60% mee bij de Nibud-inkomensnormen. Vorig jaar was dat nog slechts 50%. En in de jaren daarvoor 33%. Deze verruiming, die de komende jaren verder wordt doorgezet, heeft dus een behoorlijke effect op de leencapaciteit en daarmee ook op de huizenprijzen.

Oude woningen en appartementen in trek

Aangezien het aandeel doorstromers op de woningmarkt groeit, stegen de prijzen van huizen boven de € 250.000,- in het eerste kwartaal het hardst met 8%. Goedkopere woningen hadden een toename van 7%. Appartementen zijn momenteel meer in trek dan hoek- en rijwoningen. Op hun beurt stijgt laatstgenoemd type woningen harder in waarde dan vrijstaande woningen. Ook zijn vooroorlogse woningen populairder dan naoorlogse huizen. Dit is te verklaren door de toenemende belangstelling voor wonen in de stad en het liefst in of bij het centrum. In deze buurten zijn vaak meer oude woningen en appartementen te vinden.

Nieuw kabinet nodig voor nieuw woningbeleid

Het blijft afwachten wat de toekomstige regering voor de woningmarkt in petto heeft. Het is nog niet gelukt een nieuwe regering te vormen. Eén thema waar de volgende regering zich over uit zal moeten spreken is de hoogte van het bedrag dat huishoudens maximaal mogen lenen op basis van de waarde van het onderpand. Hoewel het demissionaire kabinet belangrijke beslissingen vooruit schuift, besloot het wel een met Prinsjesdag 2016 aangekondigde maatregel terug te draaien. Eigenaren van rijksmonumenten mogen 80% van de onderhoudskosten blijven aftrekken. De overheid stelt hoge eisen ten aanzien van het onderhoud en de instandhouding van hun monument. Een tegemoetkoming in deze kosten ligt dan ook in de rede. Nu het kabinet de maatregel om de aftrekmogelijkheid te beëindigen heeft ingetrokken, hoeven bezitters van rijksmonumenten niet langer te vrezen voor een stijging van de woonlasten. 

Tot slot onderzoekt het kabinet of er uniforme regels nodig zijn voor kredietverstrekkers om de kosten van rentemiddeling te bepalen. Minister van Financiën Jeroen Dijsselbloem vindt dat de kosten die verstrekkers in rekening brengen, niet hoger mogen zijn dan het financiële nadeel dat de kredietverstrekker ondervindt, net als bij vervroegd aflossen.

Infographic woningmarktmonitor juli 2017

Stel een vraag aan een adviseur

email facebook twitter
 Op Facebook
 Via Twitter

Verder praten over uw situatie


Bij grote financiële beslissingen is het fijn als iemand met verstand van zaken met u meedenkt. De adviseurs van ABN AMRO helpen u hier graag bij. Wij gaan samen met u op zoek naar de oplossing die het beste bij u past.

Heeft u een vraag  
of wilt u contact met ons?

Service & Contact

Extra aflossen op uw hypotheek?

Zie direct uw nieuwe maandbedrag

Extra aflossen op uw hypotheek

Elk jaar mag u een deel van uw hypotheek zonder kosten aflossen. Regel het eenvoudig zelf in Internet Bankieren en zie meteen wat uw nieuwe maandbedrag wordt als u extra aflost.