ESG als beleggingsfactor

Het was ooit een algemeen aanvaarde overtuiging: duurzaam beleggen gaat ten koste van het resultaat. Dat zou dan vooral komen omdat een aantal lucratieve sectoren uit het beleggingsuniversum werd geweerd. Denk aan aandelen van bedrijven die hoge dividenden uitkeren en actief zijn in sectoren als tabak, alcohol, nutsbedrijven of energie.

 

Maar in de loop van de jaren is er een omslag gekomen in die overtuiging van marktpartijen. Men denkt nu eerder dat bepaalde risico’s door maatschappelijk en milieuvriendelijk beleggen minder worden. Bijvoorbeeld (reputatie)risico’s die voortvloeien uit de slechte behandeling van werknemers of uit milieuschandalen.

De MSCI Socially Responsible Investing Index (MSCI SRI) zet al sinds 2015 betere prestaties neer dan de traditionele MSCI World Index, en wel met drie procentpunten per jaar (zie figuur). Ook doet een aantal ESG-fondsen het beter dan hun ‘klassieke’ tegenhangers. Die trend is tijdens de coronapandemie alleen nog maar verder versneld. Ondanks die gunstige koersontwikkelingen is de grote vraag of er echt zoiets bestaat als een duurzaamheids- of ESG-factor, vergelijkbaar met bekende beleggingsfactoren zoals groei of waarde. Is het een factor die als aanjager voor de resultaatontwikkeling fungeert? Het antwoord: we weten het gewoon niet.

Volgens de theorie van het marktevenwicht (oftewel marktequilibrium) moet een hoger risico gecompenseerd worden door een hoger rendement. Aandelen van niet-duurzame ondernemingen gaan gepaard met een hoger risico. Die fondsen moeten dus een hoger rendement opleveren ter compensatie. De al eerder genoemde ondernemingen in sectoren als tabak, alcohol en olie, zijn daarvan een praktijkvoorbeeld. Die trekken beleggers over de streep met een bovengemiddeld dividendrendement. Dat wordt bevestigd in diverse studies naar beleggingen die als onethisch of immoreel worden beschouwd (bijvoorbeeld van Blitz en Fabozzi). 

Het mogelijke extra rendement van dit soort aandelen kan worden verklaard door het feit dat (institutionele en particuliere) beleggers niet-ethische aandelen uitsluiten, met een onderwaardering als gevolg. Simpel gezegd: er is minder vraag naar deze aandelen. De koersen gaan daardoor naar beneden. Maar de winstgevendheid en kwalitatieve bedrijfsfactoren leveren een compenserende bijdrage aan het rendement (eerder werd dat wel gezien als een premie ter compensatie voor reputatierisico).

Voor het tegenovergestelde valt echter ook wat te zeggen, namelijk dat duurzaam beleggen een risicoloze premie biedt. Sociaal- en milieubewuste ondernemingen hebben een bedrijfsmodel met minder of lagere risico’s dan het bedrijfsmodel van meer conventionele bedrijven.

Daarnaast is er de groeiende vraag naar duurzame beleggingen. Volgens Morningstar is de vraag naar duurzame fondsen in Europa alleen al het afgelopen jaar met 56% gegroeid. Maatschappelijke verandering heeft tot op zekere hoogte ook de financiële markten bereikt. Dit wordt nog eens versterkt door de toenemende druk vanuit de politiek, in het bijzonder de EU. Hierbij kan onder meer gedacht worden aan de EU-taxonomie voor duurzame financiering (een raamwerk voor het classificeren van bedrijfsactiviteiten op basis van duurzaamheid).

Alleen al door die groeiende vraag hebben aandelen van duurzame bedrijven het zo goed gedaan, in ieder geval in het recente verleden. Strengere klimaatdoelstellingen betekenen immers een hoge omzet voor ondernemingen die met oplossingen tegen de milieuverontreiniging komen.

Het lijkt erop neer te komen dat deze twee tegengestelde ontwikkelingen elkaar in grote lijnen neutraliseren: op de lange termijn wordt voor duurzaam beleggen geen systematisch financieel extra rendement verwacht. Een duurzaamheidsfactor an sich is er dan ook waarschijnlijk niet. Een systematische outperformance van duurzame beleggingen alleen maar op basis van duurzame criteria moet dan ook niet worden verwacht.

Het nieuws is niet alleen maar slecht. Positief is namelijk dat duurzaam beleggen niet ten koste gaat van het resultaat. De belegger kan daarnaast een niet-financieel rendement verwachten voor wat betreft ondernemingsbestuur, het milieu, sociaalmaatschappelijke criteria en/of andere factoren.

Het is aan vermogensbeheerders om dat ‘ethische dividend’ of niet-financiële rendement transparant te maken. Bijvoorbeeld in de vorm van communicatie over in de portefeuille opgenomen aandelen van bedrijven met een lagere CO2-uitstoot dan vergelijkbare spelers of van ondernemingen die de Duurzame Ontwikkelingsdoelen van de VN steunen. Alleen op die manier kan duurzaam beleggen merkbaar waarde toevoegen voor de belegger. Kortom, er hoeft geen systematische ESG-factor te bestaan, willen beleggers hun ESG- en resultaatdoelstellingen realiseren.

Duurzame aandelen overtroefden bredere markt in 2015-2019

  Duurzame aandelen overtroefden bredere markt in 2015-2019

Reinhard Pfingsten, Hoofd Asset Allocation Services

Zo vindt u de duurzame aandelen en fondsen in ons assortiment

Duurzame aandelen en fondsen kiezen

Bent u op zoek naar duurzame beleggingsproducten? We leggen graag uit hoe u duurzame aandelen en fondsen in uw beleggingsportefeuille opneemt.

De risico’s van beleggen

Beleggen kan interessant zijn maar brengt risico’s met zich mee. U kunt (een deel van) uw inleg verliezen. Wij adviseren u alleen te beleggen in beleggingsproducten die aansluiten bij uw kennis en ervaring. We hebben de meest voorkomende risico’s voor u op een rij gezet.

Kijk het webinar over The Future of Food terug

Heeft u de online uitzending The Future of Food met presentator Roelof Hemmen op 26 januari gemist, of wilt u het nog een keer bekijken? We hebben de uitzending voor u opgenomen.