Portfolio allocatie

Extra rendement ondanks lage rente

Factorbeleggen kan een interessante bron van extra rendement zijn. Bij factorbeleggen wordt over de grenzen van de traditionele beleggingscategorieën heen gekeken. Het doel: rendement behalen door te focussen op specifieke factoren. Beleggingen met een focus op, bijvoorbeeld, waarde, groei of omvang, kunnen een premie opleveren. En dat is geen overbodige luxe nu de lage rente de verwachte portefeuillerendementen drukt.

 

Voor elk van onze zes risicoprofielen geven wij rendementsverwachtingen op jaarbasis af. De vraag die wij ons stellen bij het berekenen van deze cijfers is: welk gemiddelde jaarrendement kan een belegger verwachten voor de komende tien jaar? De door ons berekende rendementsverwachtingen verschillen van jaar tot jaar doorgaans niet veel. Maar dit jaar zien we een forse impact van aanhoudend dalende rentes op spaargeld en obligaties. In risicoprofiel 4 (waar de meeste van onze klanten voor hebben gekozen) ligt het verwachte gemiddelde jaarrendement nu 0,6% lager. In de defensievere risicoprofielen – waar doorgaans veel wordt belegd in obligaties en liquiditeiten – is het verschil zelfs nog groter. 

Van assetallocatie naar factorbeleggen

Kunnen we rendement behalen door op een andere manier te beleggen dan de bredere markt? Een gebruikelijke manier is gespreid beleggen in verschillende beleggingscategorieën. Dit wordt assetallocatie of vermogensverdeling genoemd. Zo hebben de afgelopen jaren veel beleggers ervoor gekozen om een relatief groot deel van hun vermogen te beleggen in aandelen. Er zijn namelijk nauwelijks alternatieven: gezien de lage rente zijn de verwachtingen van obligaties niet hoog en levert spaargeld niks op. We zijn ons ervan bewust dat dergelijk ‘kuddegedrag’ van beleggers ook risico’s voor de portefeuille met zich meebrengt.

Maar we kunnen assetallocatie ook anders aanvliegen. Zowel in aandelen als in obligaties kunnen we ons focussen op specifieke factoren die rendement creëren. Academisch onderzoek toont aan dat dit zogenoemde ‘factorbeleggen’ kan resulteren in extra rendement (een ‘factorpremie’) bovenop het rendement van de bredere markt. De factoren waar factorbeleggers vooral naar kijken zijn: waarde, groei, omvang (marktkapitalisatie), kwaliteit, momentum en laag risico.

Factoren aan het werk in de portefeuille

Deze factoren stoelen op twee verschillende economische redeneringen. Als factorbelegger speelt u in op voorspelbaar gedrag van andere beleggers, of u laat zich belonen voor het nemen van extra risico (bijvoorbeeld door te beleggen in small-cap-ondernemingen – aan de hand van de factor ‘omvang’). Factorbeleggen, kortom, is gebaseerd op factoren die de verschillende beleggingscategorieën overstijgen. Wel is het zo dat de meest bekende factorstrategieën vooral worden toegepast op aandelen. Bij ABN AMRO doen we dit al impliciet in ons aandelenselectieproces voor ons Klassiek Mandaat. Expliciet maken we gebruik van factorstrategieën in het Factor Mandaat. 

In onze optiek bieden aandelen-factorstrategieën vooralsnog de beste mogelijkheden om factorpremies te realiseren. Het doel hierbij: op langere termijn een rendement behalen dat structureel hoger ligt dan het rendement van de bredere markt. In een beleggingsklimaat dat gedomineerd wordt door lage rentestanden, is elk stukje extra rendement van belang. 

Factoren aan het werk in de portefeuille

Chris Verzijl – Quant Strateeg
Paul Groenewoud – Quant Risk Specialist
Thomas Domeratzki – Senior Strateeg

De risico’s van beleggen

Beleggen kan interessant zijn maar brengt risico’s met zich mee. U kunt (een deel van) uw inleg verliezen. Wij adviseren u alleen te beleggen in beleggingsproducten die aansluiten bij uw kennis en ervaring. We hebben de meest voorkomende risico’s voor u op een rij gezet.

En wat is uw strategie?

Ziet u kansen met beleggen? ABN AMRO helpt u graag. Zelfs als u er niet veel tijd aan wilt besteden, hebben wij een geschikte beleggingsvorm voor u. U kunt al beginnen met beleggen vanaf € 50. Met de keuzehulp ontdekt u snel welke beleggingsvorm het best bij u past.