Verhuren van je vakantiewoning: wat zijn de (fiscale) regels?

Door je vakantiewoning te verhuren, kun je extra inkomsten krijgen en anderen laten genieten van je vakantiewoning. Maar voordat je op zoek gaat naar huurders, is het goed om op de hoogte te zijn van een aantal regels. In deze blog bespreken we de belangrijkste.
Verhuur vakantiewoning en inkomstenbelasting in box 3
Een vakantiehuis valt in je belastingaangifte onder de overige bezittingen in box 3. In deze box wordt het rendement op je vermogen belast. Zoals op spaargeld, beleggingen, andere bezittingen en schuld.
Verondersteld rendement
De huurinkomsten van je vakantiewoning dragen bij aan het rendement dat je met deze woning behaalt. De huurkomsten zelf wordent niet belast. Dat komt omdat de overheid verwacht dat het rendement op overige bezittingen voor iedereen gelijk is. In 2026 is het veronderstelde rendement 6,0% over de WOZ-waarde (van 2025).
Vanaf 2027 staat een verhoging van het veronderstelde rendement gepland naar 6,37%.
Over dit rendement betaal je 36% inkomstenbelasting. De belastingdruk voor een vakantiewoning kan dus oplopen tot maximaal 2,16% (2026) en 2,83% (in 2027). Deze belastingdruk is hetzelfde als je de woning niet verhuurt.
Als je voor de aankoop een lening hebt afgesloten (een schuld), mag je een veronderstelde rente van 2,7% (verwacht in 2026) verminderen met het positieve rendement.
Werkelijk rendement
Is je werkelijke rendement (inclusief waardestijging) lager dan het veronderstelde (of fictieve) rendement? Dan kun je mogelijk een lagere box 3-belasting vaststellen. Hiervoor gebruik je de tegenbewijsregeling.
Bij de tegenbewijsregeling wordt gekeken naar je werkelijke huurinkomsten, betaalde rente en waardestijging. Je huurinkomsten tellen hier dus wel mee voor je belastingberekening.
Meer over de verandering in box 3 en de gevolgen voor je vakantiewoning
Huurinkomsten vakantiehuis belast in box 1?
Je huurinkomsten van je vakantiewoning kunnen belast worden in box 1 als je ook aanvullende diensten aanbiedt. Denk aan linnengoed, schoonmaak of ontbijt. Dit hangt af van de hoeveelheid werk die je levert en of je daardoor een hogere opbrengst (dan bij kale verhuur) kunt verwachten.
Als je de woning vrijwel continu verhuurt voor kortere periodes en zelf aanvullende diensten levert, kun je zelfs als ondernemer voor de inkomstenbelasting worden gezien. Je kunt dan te maken krijgen met winst uit onderneming in box 1. Je moet je dan als ondernemer aanmelden bij de Belastingdienst.
Ben je benieuwd of je ondernemer bent? Op de site van de Belastingdienst kun je via de OndernemersCheck een indicatie krijgen.
Het uitbesteden van aanvullende diensten aan een verhuurorganisatie kan belastingheffing in box 1 vaak voorkomen. Laat je hierover goed informeren door een belastingadviseur. Zo voorkom je verrassingen achteraf.
Een buitenlandse vakantiewoning en belasting
Verhuur je een vakantiehuis in het buitenland? Dan zijn je huurinkomsten, en de waarde en waardeverandering van de vakantiewoning, vaak in het buitenland belast.
Omdat je in Nederland ook belasting betaalt over de waarde van je vakantiewoning in box 3, kan Nederland hiervoor een (gedeeltelijke) vrijstelling gevem. Meer hierover lees je in de blog 'Vakantiehuis en je belastingaangifte'.
Omzetbelasting (btw) bij verhuur
Verhuur je onroerend goed voor een langere periode zonder extra diensten? Bijvoorbeeld een tweede huis in de stad? Dan is deze verhuur meestal vrijgesteld van btw.
Verhuur je voor een korte periode (‘short-stay’) met aanvullende diensten zoals schoonmaak, linnengoed of ontbijt? Dan is verhuur wel belast met btw. De Belastingdienst geeft zelfs de verhuur van een vakantiewoning hierbij als voorbeeld.
Vanaf 1 januari 2026 is het btw-tarief 21%.
Zijn je huurinkomsten lager dan €20.000 per jaar? Dan kun je mogelijk de Kleine Ondernemersregeling (KOR) gebruiken en ben je vrijgesteld van btw. Vanwege de complexe btw-regels adviseren we je persoonlijke situatie met een belastingadviseur te bespreken.
Toeristenbelasting
Je huurders moeten mogelijk toeristenbelasting betalen. Dit verschilt per gemeente. Als verhuurder ben je verantwoordelijk voor het innen en afdragen van deze belasting aan de gemeente.
Overige aandachtspunten en regels bij verhuur van je vakantiehuis
Gemeentelijke regels voor vakantieverhuur
Voordat je je vakantiewoning gaat verhuren, is het belangrijk om te controleren of dat volgens het bestemmingsplan is toegestaan. Daarnaast hebben sommige gemeenten aanvullende regels. Zo kan een speciale vergunning nodig zijn of kan er een maximum gelden voor het aantal dagen dat je de woning mag verhuren.
Verzekeringen en veiligheid
Kijk goed naar je bestaande verzekeringen want een standaard opstal- of inboedelverzekering dekt vaak geen schade als je verhuurt. Zorg ook voor een (nieuwe) aansprakelijkheidsverzekering, voor het geval iemand schade oploopt in jouw vakantiewoning.
Verder moet de veiligheid in orde zijn. Hang rook/koolmonoxidemelders in verblijfsruimtes op, zorg voor brandblussers en maak een vluchtplan. Check ook of de woning aan de bouwvoorschriften voor een vakantiewoning voldoet.
Energielabel vakantiewoning
Bij verhuur van je vakantiewoning moet je vanaf 2024 het energielabel vermelden in advertenties. Dit hoeft niet als de woning kleiner is dan 50m2 of als je minder dan 4 maanden per jaar verhuurt.
Conclusie
Het verhuren van je vakantiewoning kan aantrekkelijk zijn om extra inkomsten te krijgen. Houd wel rekening met specifieke regels rondom de verhuur. Laat je hierover goed informeren en adviseren.
- De belastingheffing op de werkelijke huurinkomsten zijn momenteel onbelast. Wel is een verondersteld percentage van de WOZ-waarde in box 3 belast. In de toekomst gaat dit veranderen.
- Mocht je naast het verhuren ook aanvullende diensten aanbieden dan kan de belastingheffing anders worden. Ook kan btw een rol spelen.
“Je vakantiewoning verhuren kan extra inkomsten opleveren. Houd rekening met de regels en laat je goed adviseren.”
