Spaargeld belast in box 3

Hoeveel belasting betaalt u in box 3?

Elk jaar vanaf 1 maart kunt u weer belastingaangifte doen van uw inkomsten. Ook spaargeld boven een bepaalde grens wordt belast, namelijk in box 3. De belasting die u hierover betaalt wordt berekend over een 'forfaitair rendement'. In dit blog leest u hoe dit werkt en hoe u berekent hoeveel belasting u moet betalen. Box 3 is namelijk per 2018 veranderd en dat kan gunstig uitpakken voor (kleine) spaarders.
 

Box 3: sparen en beleggen

In box 3 betaalt u belasting over inkomsten die niet in box 1 en 2 vallen. Waarover wordt in die eerste 2 boxen dan belasting betaald? In box 1 vallen inkomsten uit werk en woning. Uw salaris bijvoorbeeld, of het bezit van een koophuis. Heeft u een aandeel in een onderneming, zoals een bv? Dan betaalt u in box 2 belasting over het voordeel dat u hiervan heeft. De Belastingdienst noemt dit 'aanmerkelijk belang'. Uw vermogen wordt tot slot belast in box 3. Denk hierbij aan spaargeld, aandelen of een tweede huis. Heeft uw minderjarige kind spaargeld en beleggingen? Houd er dan rekening mee dat de Belastingdienst die bij uw eigen vermogen in box 3 optelt voor de berekening van de belasting.

Spaargeld waarover u geen belasting betaalt

Over het eerste deel van uw vermogen hoeft u geen belasting te betalen. De Belastingdienst noemt dat 'heffingsvrij vermogen'. Als u over 2018 aangifte doet, is het heffingsvrije vermogen € 30.000. Heeft u een fiscale partner? Dan is de vrijstelling voor uw gezamenlijk vermogen € 60.000. Ook schulden boven € 3.000, zoals een lening, mag u van de Belastingdienst van uw vermogen aftrekken. Voor fiscale partners is de grens € 6.000. Maar over welk vermogen betaalt u nu eigenlijk belasting in box 3? Trek altijd eerst schulden boven de € 3.000 (€ 6.000 bij fiscale partners) van uw vermogen af. Vervolgens haalt u daar het heffingsvrije vermogen vanaf.

Wat betaalt u over 2018?

De Belastingdienst gaat ervan uit dat mensen met een groter vermogen ook een hoger rendement behalen. De achterliggende gedachte is dat bij grotere vermogens meer kan worden belegd. Het uitgangspunt van de Belastingdienst is dat over een deel van het vermogen 0,36% rendement wordt berekend en een deel tegen 5,38%. Hoe hoger het vermogen, hoe meer wordt gerekend met het percentage van 5,38%. Bekijk onderstaand schema voor de precieze verdeling.

Vermogen box 3 boven heffingsvrij vermogen Weging laag rendement Weging hoog rendement Gewogen gemiddelde
Tot en met € 70.800 67% x 0,36% 33% x 5,38% 2,02%
€ 70.801 t/m € 978.000 21% x 0,36% 79% x 5,38% 4,33%
Vanaf € 978.001 0% x 0,36% 100% x 5,38% 5,38%

Belastingvriendelijk sparen

U kunt uw vermogen ook belastingvriendelijk opbouwen. Denk bijvoorbeeld aan het aanvullen van uw pensioen. Bij banksparen betaalt u geen vermogensrendementsheffing over het geld op uw bankspaarrekening. De belasting betaalt u pas als u het geld laat uitkeren. Dat kan financieel gunstig zijn. Belastingvriendelijk kan overigens samen gaan met milieuvriendelijk door bijvoorbeeld groen beleggen.

Groen beleggen is een vorm van duurzaam beleggen. U krijgt dan een vrijstelling in box 3 en mogelijk extra heffingskorting. Lees meer over groene beleggingen op de website van de Belastingdienst. Tenslotte kan het in uw voordeel werken om uw spaargeld te schenken. Door slim om te gaan met de regels van de schenkbelasting zorgt u ervoor dat u minder of geen schenkbelasting betaalt. Lees meer over sparen en schenken.