Pensioenakkoord 2011
In september 2011 is een nieuw pensioenakkoord gesloten. We hebben de voorlopige uitkomsten voor u samengevat. Als de wetgeving definitief is, kunt u hier de definitieve toelichting vinden.
Wat betekent dit pensioenakkoord voor u? U kunt straks nog steeds op uw 65e stoppen met werken. Wel ontvangt u dan (mogelijk) een lagere AOW-uitkering en een lager pensioen dan met de regeling tot nog toe gold. Lees hieronder de (voorlopige) uitkomsten van het nieuwe pensioenakkoord.
Wijzigingen AOW
- De AOW-uitkering volgt de loonontwikkeling in plaats van de prijsontwikkeling.
- Van 2013 tot en met 2028 wordt het AOW-pensioen extra verhoogd met 0,6% van het huidige AOW van een gehuwde.
- De AOW-leeftijd gaat in 2020 naar 66 jaar en wordt afhankelijk van de levensverwachting.
- Vanaf 2020 gaat een persoon vanaf zijn 16e AOW opbouwen. Dit was 15 jaar.
- Werknemers kunnen er voor kiezen hun AOW eerder of later te laten ingaan. Het AOW-pensioen kan niet ingaan voor de 65-jarige leeftijd. Een jaar eerder met pensioen heeft tot gevolg dat de AOW-uitkering levenslang wordt gekort met 6,5%. Bij een jaar langer doorwerken wordt de AOW-uitkering met 6,5% verhoogd. Laagbetaalde mensen met een klein pensioen - maximaal 10.000 euro per jaar – zullen ook in 2025 zonder deze grote korting op de AOW op hun 65ste met pensioen kunnen.
- Deelnemen aan de Levensloopregeling na 2011 is alleen mogelijk indien u op 31 december 2011 in totaal ten minste € 3.000,- aan levenslooptegoed had.
- Werknemers met een laag inkomen die vanaf hun 61e doorwerken krijgen een doorwerkbonus. Deze bonus kunnen ze opsparen zodat ze op hun 65e kunnen stoppen met werken.
- Voor mensen die na 2014 65 jaar worden en van wie de echtgeno(o)t(e) op dat moment nog geen 65 jaar is, vervalt de partnertoeslag van de AOW.
Wijzigingen werknemerspensioen
- De pensioenrichtleeftijd van het werknemerspensioen gaat omhoog: in 2014 naar 67 jaar.
- De hoogte van het pensioen is onzekerder doordat het afhankelijker wordt van de financiële markten en de levensverwachting. De sociale partners bepalen hoeveel risico pensioenfondsen mogen nemen. De Nederlandsche Bank houdt streng toezicht op het beleggingsbeleid.
- De pensioenpremies gaan niet omlaag in goede tijden, maar ook niet omhoog als het slecht gaat, tenzij in de CAO anders wordt geregeld.
- De bijstortverplichting voor werkgevers verdwijnt.
Uw pensioen aanvullen?
U kunt uw pensioen aanvullen met bijvoorbeeld een lijfrenteverzekering of bankspaarproduct. Ook kunt u kiezen voor sparen op een 'gewone' spaarrekening, beleggen of banksparen om uw hypotheek af te lossen met belastingvoordeel.
Meer lezen over de gevolgen van het pensioenakkoord? Download het artikel 'Pensioenakkoord 2011 en de gevolgen voor u' (pdf).


