
Agrarische productie daalt in 2026 door overheidsingrijpen
Ondanks de krimp van de veestapel namen de volumes in de landbouw in 2025 met 1 procent toe, zoals blijkt uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). De grotere volumes in de landbouw in 2025 zijn te verklaren door zeer hoge gewasopbrengsten in de akkerbouw en glastuinbouw als gevolg van gunstig weer. Maar ook de melkveehouderij wist dankzij de goede kwaliteit van ruwvoer de melkproductie te verhogen. Voor 2026 en 2027 gaat ABN AMRO uit van een volumedaling van in de land- en tuinbouw in Nederland van respectievelijk 3 procent en 1,5 procent als gevolg van opkoopmaatregelen van de overheid.
De krimp van de veestapel is al ingezet en kan dit jaar verder versnellen doordat veehouders worden uitgekocht door de overheid. De reden voor het stimuleren van vrijwillige bedrijfsbeëindiging is de noodzaak om de stikstofuitstoot in de veehouderij te verminderen. In totaal hadden 1.576 veehouderijen een aanvraag ingediend voor de daartoe geopende Landelijke beëindigingsregeling veehouderijlocaties (Lbv(+)), waarvan er 1.435 zijn toegekend. Niet alle aanvragen leiden tot een daadwerkelijke beëindiging; veehouders kunnen na toekenning alsnog besluiten om geen gebruik te maken van de regeling. Vooralsnog heeft 65 procent van de inschrijvers er daadwerkelijk gebruik van gemaakt. In sectoren waar het economisch zeer goed gaat, zoals pluimvee en in mindere mate de kalverhouderij, ligt dit percentage lager. Dat is in lijn met onze raming uit 2025 over de omvang van de veestapel, waarin we uitgaan van een krimp van 12 tot 15 procent richting 2030. De krimp is het sterkst over de jaren 2025 en 2026, doordat veehouderijen binnen een jaar na acceptatie van de subsidie de activiteiten staken, met een krimpende veestapel tot gevolg.
In aanvulling op de Lbv(+) heeft de overheid voor de melkveehouderij een nieuwe regeling opengesteld, de Subsidieregeling extensivering melkveehouderij (Sem). Daarmee kunnen fosfaatrechten, die nodig zijn om melkvee te houden, uit de markt worden genomen. Bij volledig gebruik van het budget kan 4 procent van de melkveestapel worden opgekocht. ABN AMRO verwacht niet dat deze nieuwe regeling volledig benut zal worden. Daarvoor is de vergoeding waarschijnlijk niet aantrekkelijk genoeg. Anderzijds kunnen de huidige lage melkprijs en de hoge kosten voor de afzet van mest het enthousiasme voor de regeling doen toenemen. Wij gaan ervan uit dat het effect van de SEM pas in 2027 zichtbaar wordt in een afname van de productie van rauwe melk.
Tot slot heeft de overheid een consultatie lopen voor een opvolger van de Lbv(+), de zogeheten Vrijwillige beëindigingsregeling veehouderijlocatie (Vbr). Wij verwachten dat de gevolgen van deze nieuwe opkoopregeling pas na 2027 zichtbaar worden in de volumecijfers.
Hoge brandstofprijzen raken visserij
De hoge energieprijzen hebben een relatief beperkt drukkend effect op de volumes in de land- en tuinbouw. Glastuinbouwbedrijven hebben zich door professioneel energiemanagement, een mix aan energiecontracten en verduurzaming, goed ingedekt tegen volatiele energiemarkten. De visserij daarentegen heeft minder mogelijkheden om zich tegen hoge brandstofprijzen te bewapenen. De visvangst zal daarom als gevolg van de hoge energieprijzen fors dalen, bijvoorbeeld doordat boomkorvissers vaker aan wal blijven. Gezien de beperkte omvang van de vissector zien we dit effect niet terug in de totale volumecijfers van de land- en tuinbouw.
Volumes sterk afhankelijk van weersinvloeden
Volumes in de akker- en tuinbouw kunnen sterk schommelen door weersinvloeden. Door uitbreiding van het areaal en gunstig weer leverde de aardappelteelt in het oogstjaar 2025/2026 de hoogste opbrengst op in de afgelopen 25 jaar en die van de suikerbieten het hoogste in de afgelopen 8 jaar. Volumes in het oogstjaar 2026/2027 zullen naar verwachting normaliseren en dus lager uitvallen, mede als gevolg van strengere stikstofnormen en het reduceren van het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen.
Het aantal hectares in de akker- en tuinbouw blijft in 2026 en 2027 naar verwachting vrij constant, al gaan we wel uit van sterke verschuivingen binnen het teeltplan. In de akkerbouw worden vanwege slechte prijsvorming minder aardappels en suikerbieten geteeld ten opzichte van 2025. De teelt van deze gewassen wordt vervangen door die van bijvoorbeeld uien en peen, of de grond wordt ingezet als braakliggend grasland (groene braak) waarvoor Europese subsidie kan worden ontvangen. In de sierteelt zien we een verschuiving van bloemen naar vaste planten.
Een stapje voor met onze sectorexpertise
Voor elke ondernemer is het belangrijk om te weten wat er nu speelt, maar vooral wat er komen gaat. Baseer beslissingen op de ontwikkelingen en trends in de sector. Onze sectorexperts weten wat er speelt. Zie waar de kansen liggen. Nét dat stapje voor.
Lees verder in de agrarische sector
De agrarische sector in Nederland kenmerkt zich door hoge productiviteit en kwaliteit. Veel landen en organisaties zien Nederland daarom als agrarisch gidsland. Met een export van ruim EUR 100 miljard draagt de Nederlandse land- en tuinbouw sterk bij aan onze economie.
