
De prijzen van voedsel in de supermarkt zijn na de inflatiepiek van 2023 op een hoger niveau gestabiliseerd. Voorlopende indicatoren wijzen erop dat de opwaartse druk toeneemt. Denk bijvoorbeeld aan hogere inkoopkosten voor agrarische grondstoffen als gevolg van weersextremen, de doorwerking van de hogere energieprijzen als gevolg van de oorlog in Iran en verhoogde loonkosten. Tegelijkertijd zijn er ook verschillende dempende factoren.
Download het complete rapport
Lees alle feiten en ontwikkelingen in het rapport 'Oplopende kosten zetten marges foodsector onder spanning'.
Wereldwijde voorraden van enkele belangrijke agrarische grondstoffen blijven ruim en veel voedingsproducenten profiteren op de korte termijn van bestaande energie- en inkoopcontracten. Daartegenover staat dat retailers terughoudend zijn om hogere kosten volledig door te berekenen aan consumenten waardoor marges van de voedingssector onder spanning komen te staan. Al met al verwachten we dat de voedingsinflatie eind 2026 en in 2027 weer zal oplopen.
Voedingsprijzen worden bepaald door een breed scala aan factoren. Agrarische grondstoffen zijn goed voor grofweg 40 procent van de productiekosten van voeding in de Europese Unie (EU), terwijl de overige 60 procent bestaat uit energie, transport, verpakking en arbeid. De opwaartse druk neemt aan beide kanten toe.
Misoogsten door weersextremen
De voedselprijs-index van de FAO is over de eerste acht maanden van 2026 al met 7 procent toegenomen. Weersontwikkelingen hebben grote invloed op de prijzen van agrarische grondstoffen. Afgelopen zomer werden in Europa en de Verenigde Staten opnieuw hitte- en droogterecords gemeten, wat naar verwachting opwaartse druk zet op de Europese voedingsprijzen. De gewasprognoses van de EU van augustus laten zien dat de opbrengstverwachtingen voor zomergewassen met gemiddeld 7 procent onder het vijfjaarsgemiddelde zijn bijgesteld. De verschillen per gewas zijn overigens groot. Daarnaast verwachten meteorologen eind 2026 een sterke ontwikkeling van El Niño, het weersfenomeen rond de Stille Oceaan waarbij sommige gebieden te maken krijgen met droogte en andere met meer regen. Dit kan gevolgen hebben voor het aanbod van diverse agrarische grondstoffen zoals koffie, suiker, rijst, cacao, sojabonen, plantaardige oliën, maïs en tarwe, en waarvan sommige in aanzienlijke hoeveelheden door de EU worden geïmporteerd. Opvallend is de sterke stijging van de suikerprijs. De FAO-suikerprijsindex liep in augustus met 12 procent op door toenemende zorgen over de mondiale beschikbaarheid van suiker. Een tegenvallende Europese bietenoogst, verslechterende oogstramingen in Azië door El Niño en een groter gebruik van Braziliaans suikerriet voor ethanolproductie zetten het wereldwijde aanbod onder druk.
De droogte zoals afgelopen zomer in Europa laten prijzen voor suiker(bieten), aardappelen en uien stijgen. De impact van El Niño is minder eenduidig. De prijzen van koffie en cacao gaan naar verwachting stijgen. Maar de prijzen van bijvoorbeeld sojabonen, hoofdzakelijk gebruikt voor Europees veevoer, dalen historisch gezien bij een El Niño. Echter, de meeste studies wijzen op een netto opwaarts effect van El Niño op de voedingsprijzen.
Een andere factor die de voedingsinflatie beïnvloedt, is de prijsstijging van kunstmest als gevolg van de oorlog in Iran. Hoewel deze prijsstijging minder groot is dan tijdens de kunstmestschok na de Russische invasie van Oekraïne, kunnen fysieke tekorten – vooral in ontwikkelingslanden – extra druk zetten op toekomstige oogsten. In Europa blijft de prijsschok voor boeren vooralsnog beperkt en kampen zij niet met daadwerkelijke tekorten. Verder leiden geopolitieke spanningen tot onrust op de grondstoffenmarkten. Zo zorgt de oorlog tussen Oekraïne en Rusland voor onzekerheid over de exportmogelijkheden via de Zwarte Zee, met als gevolg hogere prijzen van onder meer graan.
Tegelijkertijd gaat de landbouw vanuit een relatief sterke uitgangspositie deze periode in. De wereldwijde voorraadniveaus van bijvoorbeeld granen, tarwe en rijst zijn historisch hoog, wat helpt om de gevolgen van ongunstige weersomstandigheden te dempen. Bovendien wordt een groot deel van de agrarische grondstoffen vooraf gecontracteerd in plaats van op spotmarkten ingekocht. Prijsschommelingen in agrarische grondstoffen werken daarom vaak slechts gedeeltelijk en geleidelijk door in hogere inkoopkosten voor de voedingsmiddelenindustrie. Naast de traditionele agrarische commodity markten is er sprake van aanhoudende krapte op de eiermarkt en klimt de zuivelmarkt uit een dip na een periode van overschotten.
Doorwerking van energiekosten
Prijsontwikkelingen van agrarische grondstoffen krijgen doorgaans de meeste aandacht, echter het grootste deel van de productiekosten van voeding komt elders vandaan. De stijging van energieprijzen vanwege de oorlog in Iran zet de productie van voeding onder druk, zowel direct via energiekosten als indirect via transport en verpakkingen. Ondanks de verduurzaming in de afgelopen jaren, blijft de afhankelijkheid van aardgas goed voor grofweg 70 procent van de energiemix in de sector. Hoewel bedrijven relatief goed beschermd zijn doordat ze ook over langlopende energiecontracten beschikken, neemt de kostendruk toe zodra deze contracten aflopen.
Naast de hoge internationale containervrachttarieven en brandstofprijzen zijn ook Europese binnenvaart kosten opgelopen, mede als gevolg van uitzonderlijk lage waterstanden in belangrijke rivieren zoals de Rijn en de Donau afgelopen zomer. Ook arbeid is met ongeveer 15 procent van de totale productiekosten een belangrijke factor. In Nederland stegen de cao-lonen in de voedingsmiddelensector in het tweede kwartaal van 2026 met 4 procent op jaarbasis, wat laat zien dat de loondruk hoog blijft.
Onderhandelingen met retailer verhard
Voedingsmiddelenproducenten gaan de hogere kosten voor agrarische grondstoffen, energie, transport en verpakkingen naar verwachting eind 2026 voelen en doorbelasten aan hun afnemers. Aangezien de piek in de voedselinflatie als gevolg van de coronapandemie en de oorlog in Oekraïne nog na-ijlt, is onze verwachting dat de onderhandelingen tussen de voedingsmiddelenindustrie en retailers verder verharden. Volledige doorberekening van oplopende kosten zal daardoor niet voor alle voedingsproducenten mogelijk zijn, met margedruk als gevolg.
Meer informatie
Lees alle feiten en ontwikkelingen in het rapport 'Oplopende kosten zetten marges foodsector onder spanning'.
Lees verder in de foodsector
De Nederlandse foodsector is koploper op het gebied van efficiency en export. Robotisering, digitalisering en duurzaamheid zijn belangrijke thema’s waarop ondernemers zich onderscheiden ten opzichte van veel internationale concurrenten.
