The proof of the pudding is in the eating

Er is geen uitdrukking die beter aansluit bij de Brexit op 1 januari van dit jaar. Je kunt je nog zo goed voorbereiden, aan alle scenario’s hebben gedacht en toch zal de praktijk anders zijn.
Ik moet terugdenken aan grote gebeurtenissen als de millenniumbug tijdens de eeuwwisseling en de invoering van de euro. Die angst voor die bug bleek achteraf onnodig en de euro heeft zich met vallen en opstaan inmiddels ruimschoots bewezen. De Brexit geeft eenzelfde gevoel van spanning; niet precies weten wat er komen gaat.
Met het op 24 december overeengekomen akkoord was de harde Brexit was van tafel, tot opluchting van velen, waaronder bedrijven uit transport en logistiek. Want de belangen zijn groot. Het Verenigd Koninkrijk is de derde handelspartner van Nederland en onze havens vormen voor andere Europese landen de hoofdverbinding naar en van het Verenigd Koninkrijk. Een robuuste invulling van de logistieke ketens is een belangrijke voorwaarde om de handelsrelatie op efficiënte wijze te continueren.
Nederlandse verladers en hun logistiek partners hebben hun tijd in 2020 goed besteed. Ondanks grote onzekerheid over de inhoud van het uiteindelijke akkoord is tijdig samenwerking gezocht. Douane, brancheverenigingen en bedrijven hebben diverse scenario’s en kennis over nieuwe documenteneisen gedeeld. De infrastructuur van Portbase bleek uitermate geschikt om dit op digitaal gebied in goede banen te leiden. En toch veroorzaakt de Brexit ondanks al deze voorbereidingen bijzondere spanning. Eén zwakke schakel is voldoende om de gehele keten te vertragen. Zaken doen met een land buiten de Eurozone is voor veel ondernemers nieuw. De gelijktijdige komst van de Britse mutatie van het coronavirus maakte de situatie nog complexer.
De zorgen over gevolgen van de Brexit op de logistiek liggen met name op de juistheid en het tempo van de verwerking van import- en exportdocumenten. Normaliter zijn er op jaarbasis zo’n 50 miljoen douane-aangiftes tussen het Verenigd Koninkrijk en de Europese Unie. Dit jaar zal het aantal naar schatting van de douane oplopen naar 350 miljoen. Dit vergt capaciteit en kennis. De grote vraag is: zijn die in voldoende mate beschikbaar?
De eerste week van januari gaf hierop nog geen antwoord. Dat de onderhandelaars iedereen tot het laatste moment in onzekerheid hebben gehouden, bleek een voordeel. In december zijn enorme goederenvolumes de plas overgegaan om magazijnen in het Verenigd Koninkrijk tot het plafond te vullen. Door deze reserves is het volume in de eerste week van januari juist ongebruikelijk laag geweest en is de handel dus relatief zonder veel problemen verlopen.
Hoe anders was het beeld in de weken daarna. Flinke problemen, met name aan Engelse zijde. Nieuwe grensprocedures, extra handelsdocumenten, en een ontoereikende douanecapaciteit. Ook de koppelingen met de systemen op het vasteland bleken niet volledig. En niet alle havens in het Verenigd Koninkrijk waren ingesteld op de digitale infrastructuur, waardoor handmatige correcties nodig waren. Dat kost veel tijd, en veel geld. Retourzendingen gaven problemen omdat documenten niet op orde waren. Op enig moment hebben DB Schenker, DPD maar ook andere logistieke bedrijven moeten besluiten om logistieke opdrachten richting het Verenigd Koninkrijk tijdelijk te stoppen. Dit was een belangrijk signaal richting alle betrokkenen om de logistiek pas in beweging te zetten zodra er honderd procent zekerheid was dat alle formulieren in orde waren. Inmiddels hebben de genoemde bedrijven hun logistieke operatie voor een deel weer kunnen hervatten, maar dit betekent zeker niet dat alle problemen zijn opgelost.
De recente ontwikkelingen en inzichten blijken ook nieuwe kansen te bieden voor onze positie als Gateway to Europe. Volgens het Netherlands Foreign Investment Agency zijn veel Britse bedrijven al langer op zoek naar het verplaatsen van hun logistieke basis van het Verenigd Koninkrijk naar Nederland. Dit geldt ook voor bedrijven uit de VS of Azië. Zij spreken hun voorkeur uit voor het Europese vasteland als landingsplaats voor hun logistieke distributie, met Nederland als een van de opties. Nu de extra kosten voor import en export expliciet zichtbaar worden – dit betreft zowel heffingen als kosten om te voldoen aan de complexe documenteneisen – is er in de afgelopen weken zelfs sprake van een ware toestroom aan aanvragen om logistieke operaties te verplaatsen naar Nederland. De geografische ligging, bereikbaarheid naar een groot achterland, de professionele douane en een goede beheersing van de Engelse taal zijn weliswaar geen nieuwe redenen om te kiezen voor Nederland, maar winnen in de context van de Brexit stevig aan belang.
Brexit levert nieuwe kansen voor Nederland als distributieland, mits we de toenemende vraag naar logistieke distributie vanaf het vasteland met goede proposities kunnen invullen. Parallel hieraan raast de Brexit-trein door. De gekozen aanpak in drie fasen van het Verenigd Koninkrijk betekent dat vanaf 1 april en 1 juni de nieuwe regels en documentatie-eisen voor specifieke goederensoorten gaan gelden. De ervaring van de afgelopen weken geven geen garantie dat deze goederenstromen zonder nadelige gevolgen richting het Verenigd Koninkrijk kunnen worden vervoerd. Nog steeds geldt: the proof of the pudding is in the eating.
Deze column is eerder deze week geplaatst in Nieuwsblad Transport.
Over de auteur
Bart Banning is sector banker Transport en Logistiek bij ABN AMRO. Hij heeft veel contact met ondernemers en ondersteunt de sectorcollega's binnen de bank.
Lees verder in de transport- en logistieksector
Na een lastig jaar, waarin de internationale handel afnam door een snelle afbouw van overtollige voorraden, heeft de transportsector een voorzichtig herstel ingezet. Begin 2024 stegen zowel in de containervaart als in de luchtvaart de goederenvolumes. Dankzij de aantrekkende economische groei kan de sector verder herstellen. Het herstel wordt echter geremd door een lagere vraag naar bouwmaterialen. Intussen krijgt het wegvervoer de komende jaren te maken met een stapeling van milieuregels.