Halvering van voedselverspilling in 2030 Hoe dan
Rapport: Food

Halvering van voedselverspilling in 2030. Hoe dan?

Jaarlijks wordt in Nederland per persoon 150 euro aan goed voedsel weggegooid. Dat is ongeveer een tiende van wat de gemiddelde Nederlander aan voeding uitgeeft, ofwel meer dan een maand aan eten de prullenbak in. En dat is zonde van het voedsel, maar ook van de grondstoffen, het landgebruik en de energie die bij de productie van voedsel komt kijken. Bovendien gaat de productie en bewerking van voedsel gepaard met de uitstoot van broeikasgassen.

De voedselverspilling in de Europese Unie (EU) is goed voor 170 miljoen ton CO2 uitstoot. Dat is ongeveer gelijk aan de totale CO2-uitstoot van Nederland. Door voedselverspilling terug te dringen kan de uitstoot van broeikasgassen gereduceerd worden. Daarnaast raakt voedselverspilling wereldproblematiek, zoals voedselzekerheid, ondervoeding en kwaliteit van voeding. In Europa zijn naar schatting 43 miljoen mensen die om de dag een kwalitatief goede maaltijd missen, omdat ze zich dit niet kunnen veroorloven. Kortom, het voorkomen van voedselverspilling is goed voor mens en maatschappij. Om die reden heeft Nederland zich in lijn met de Verenigde Naties als doel gesteld om per 2030 de voedselverspilling met 50 procent terug te dringen.

Om dit voor elkaar te krijgen, trekt de overheid tussen 2018 en 2021 zeven miljoen euro uit. Hiermee wil de overheid bij zowel bedrijven als bij consumenten voedselverspilling reduceren. Het halveren van de voedselverspilling door de hele keten is een grote opgave, maar is niet onmogelijk. Wereldwijd zijn er al veel voorbeelden van bedrijven die er in slagen voedselverspilling terug te dringen. Maar niet alle maatregelen kunnen op steun van consumenten rekenen. Deze gevoelige maatregelen kunnen weliswaar verspilling terugdringen, maar hebben via een andere weg nadelige gevolgen voor consument, ondernemer of maatschappij. Hieronder alvast vier van deze gevoelige maatregelen.

Genbewerking

In de Verenigde Staten wordt sinds een aantal jaar de Arctic Apple verkocht. De Arctic Apple is een appelsoort die minder snel bruin wordt. Met behulp van de genbewerkingstechniek CRISPR-Cas is het enzym dat de bruine kleur veroorzaakt ‘uitgezet’. Hierdoor gaat de appel langer mee en vindt minder verspilling plaats. De Arctic Apple is een voorbeeld om voedselverspilling te voorkomen, maar in de EU mag de appel niet verkocht worden. In 2018 heeft het Europees Hof van Justitie besloten dat nieuwe genbewerkingstechnieken zoals CRISPR-Cas moeten worden gezien als genetische modificatie waarop strenge wetgeving van toepassing is. Dit heeft belangrijke gevolgen voor de ontwikkeling van nieuwe producten. In de Verenigde Staten en Azië zijn de regels soepeler en kunnen onderzoekers heel gericht aanpassingen maken om gewassen resistent te maken tegen ziektes en sneller te laten groeien. In dat geval zijn minder hulpbronnen zoals mest, water en land nodig.

Het gros van de consumenten vindt genetische modificatie een onacceptabele maatregel om voedselverspilling tegen te gaan. Bijna 60 procent van de consumenten geeft aan genbewerking niet wenselijk te vinden, omdat ze vrezen dat het slecht is voor de gezondheid of het milieu. Ze vinden het nadeel van genetische aanpassingen niet opwegen tegen het voordeel van langere houdbaarheid. Toch vindt nog 15 procent van de consumenten genetische modificatie wel acceptabel en 12 procent vindt het ‘enigszins acceptabel’. Wel geeft deze groep aan dat de aanpassingen niet ten koste van de voedingswaarde of de gezondheid mag gaan.

Plastic verpakkingen

Voedsel wordt in onder andere plastic verpakt om de houdbaarheid te vergroten en daarmee voedselverspilling te voorkomen. Bij Oostenrijkse supermarkten is, door onder meer DSM, onderzocht of het veranderen of toevoegen van een verpakking tot minder voedselverspilling leidt. Zo is de verspilling van komkommers door het gebruik van een plastic verpakking teruggebracht van 9,4 naar 4,6 procent. Het verpakken van kaas in plaats van het snijden bij de kaasafdeling zorgde voor een vermindering van de verspilling van 5 naar 0,14 procent. Maar de maatschappelijke weerstand tegen plastic verpakkingen groeit. Consumenten ergeren zich aan plastic afval op straat, zien beelden van ‘plastic soup’ in oceanen en zijn zich bewust van de hoeveelheid grondstoffen en energie die nodig zijn om plastic te maken. Dat is ook de reden dat de levensmiddelenindustrie al bezig is met minder milieubelastende bioplastics en betere recycling. Samen met leveranciers en supermarkten wordt gekeken naar manieren om plastic verpakkingen te beperken zonder meer voedsel te verspillen.

Meer dan een kwart van de consumenten vindt plastic verpakkingen geen goede maatregel tegen voedselverspilling. Ze menen dat er betere alternatieven zijn om voedselverspilling tegen te gaan en dat het verbruik van plastic flink moet worden teruggedrongen. Toch vindt het gros van de consumenten plastic een (enigszins) acceptabele maatregel, mits het gescheiden wordt opgehaald en wordt gerecycled of wanneer andere soorten minder belastend plastic worden gebruikt.

Op is op

De klant is koning, dus ‘nee’ verkopen is lastig in een branche die gericht is op service. Toch zijn minder keuzes op de kaart, kleinere borden en minder voorraad wel belangrijke instrumenten om voedselverspilling terug te dringen in (bedrijfs)restaurants. Heldere communicatie met de gasten zorgt ervoor dat het niet alleen begrepen, maar ook gewaardeerd wordt.

Een grote groep consumenten vindt een kleinere kaart aan het einde van de avond wanneer de meeste ingrediënten op zijn, acceptabel tot enigszins acceptabel. Wel blijft het voor consumenten belangrijk dat er nog voldoende keuze is en dat de communicatie over dit beleid duidelijk is, zodat het niet als een verrassing komt. Van de ondervraagden vindt 24 procent het onacceptabel dat bepaalde gerechten niet meer beschikbaar zijn. Zij zijn van mening dat een restaurant alles moet bieden wat op de kaart staat. Het zou voor hen een reden zijn om niet meer naar dat restaurant te gaan.

Kwantumkorting afschaffen

Aanbiedingen in supermarkten worden vaak al maanden vooraf bepaald aan de hand van promotiekalenders. Bij groente en fruit is een beter uitgangspunt: wat is nu beschikbaar en wat kan volgende week in de aanbieding? Aanbiedingen zijn een eenvoudige manier voor de fabrikant en de supermarkt om de omzet te verhogen, maar werken mogelijk ook verspilling in de hand doordat de consument te veel van een product koopt. De Deense discount supermarktketen Rema1000 heeft een aantal jaar geleden alle kwantumkortingen vervangen door kortingen op een enkel product. In plaats van een bordje ‘een voor de prijs van twee’ werd bij producten een bordje geplaatst ‘pak mij, ik ben single’. De kwantumkortingen zijn vervangen door een lage vaste prijs. En in Frankrijk is het zelfs verboden om als supermark kwantumkortingen te voeren.

Als kwantumkortingen worden afgeschaft, is het risico kleiner dat de consument te veel koopt en uiteindelijk producten weggooit. Hoewel het afschaffen van kwantumkortingen de portemonnee van de consument direct raakt, zegt toch nog 55 procent van de consumenten het afschaffen van de kwantumkorting (enigszins) acceptabel te vinden.

Meer informatie

In dit rapport wordt per schakel van de keten ingegaan op de maatregelen die getroffen kunnen worden om voedselverspilling terug te dringen. Ook heeft ABN AMRO het consumentenpanel gevraagd naar tips om voedselverspilling terug te dringen in alle schakels van de keten, van boer tot bord. Deze adviezen staan verspreid door het rapport 'Halvering van voedselverspilling in 2030. Hoe dan? (pdf, 2.8MB)'.

Tags

Rapport
Agrarisch Food Leisure Retail