Javascript is required Conflict Iran drijft kosten op voor de foodsector - ABN AMRO

Conflict Iran drijft kosten op voor de foodsector

Het gewapend conflict rond Iran heeft geleid tot een snelle stijging van energieprijzen. Voedingsmiddelenproducenten worden geconfronteerd met hogere brandstofprijzen voor wegtransport. Ook de ontregeling van internationale handelsketens, onder andere door de sluiting van het luchtruim in het Midden-Oosten en de sterk stijgende tarieven voor de containervaart, kan gevolgen hebben voor de internationale voedselketens. De impact verschilt sterk tussen bedrijven afhankelijk van het type product en contracten met afnemers.

Binnen de voedingsmiddelenindustrie worden met name energie-intensieve branches zoals industriële bakkerijen en de verwerking van groente & fruit geconfronteerd met hogere energiekosten. De meeste bedrijven werken met een mix van energiecontracten, waardoor prijsstijgingen beperkt en vertraagd doorwerken in de resultaten.

De hogere brandstofkosten voor wegtransport zijn daarentegen direct voelbaar voor alle voedingsmiddelenproducenten. Deze kostenpost geldt zowel voor de inkoop van grondstoffen en verpakkingen als de afzet van het eindproduct. In de afzet naar retail of foodservice zijn er in sommige gevallen clausules opgenomen waarbij hogere brandstofkosten doorbelast kunnen worden.

Daarnaast nemen containerprijzen toe. Containerreders rekenen allerlei toeslagen, zoals een ‘war risk premium’ van duizenden dollars per container voor bestemmingen in het Midden-Oosten, en een brandstoftoeslag vanwege de fors gestegen olieprijs. Producten met een grote afhankelijkheid van handel buiten de Europese Unie lopen verhoogde risico’s, waaronder vlees, koffie, suiker, zuivel en tropisch fruit en groenten, zie figuur 1. Bij aanhoudend hoge energieprijzen kan de voedingsmiddelenindustrie ook rekenen op hogere prijzen voor verpakkingsmaterialen. De productie van aluminium, plastic en glazen verpakkingen zijn immers energie-intensief.

Jaarlijks exporteert de Nederlandse dranken- en voedingsmiddelenindustrie ruim 2,9 miljard euro naar het Midden-Oosten. Omgerekend is dit slechts 2,8 procent van de totale export. Uitschieters zijn de productgroepen chocolade (8 procent van de totale export), zuivel (5 procent) en groente & fruit (5 procent). Voor de totale sector lijken de gevolgen van een uitval van die export dus beperkt, ook gegeven het feit dat een deel van de landen ook via andere landen en wateren beleverd kunnen worden.

Ervaringen uit de energiecrisis van 2022 laten zien dat een explosie van de productiekosten na drie tot negen maanden terugzien in de consumentenprijzen. Vooral kleinere bedrijven lijden hieronder, omdat zij hogere kosten moeten voorfinancieren terwijl verkoopprijzen nog niet zijn aangepast. Grotere bedrijven beschikken doorgaans over meer marktmacht en expertise om dit hiaat tijdig te ondervangen. Door investeringen in duurzaamheid is de energie-intensiteit van de sector in 2024 5 procent lager ten opzichte van 2021.

Consumenten gaan eveneens de gevolgen van het conflict voelen. Hogere benzine- en energierekeningen verminderen de koopkracht, waardoor de consument voorzichtiger wordt en de vraag naar huismerken verder kan stijgen ten koste van luxere voedingsmiddelen en A-merken .

Houd zicht op kosten en liquiditeitsbehoefte

Voor ondernemers is het van belang om goed zicht te houden op de ontwikkeling van kosten en op de liquiditeitsbehoefte. Inkopers kunnen wellicht nog een langjarig energiecontract afsluiten, om zich in te dekken tegen het risico van een langdurig gewapend conflict. Dat geldt ook voor de inkoop van energie-intensieve producten zoals verpakkingen. Voorzichtigheid is geboden bij het inkopen van extra voorraden. Bij verstoringen in toeleveringsketens kopen ondernemers vaak te veel in, waardoor na verloop van tijd overtollige voorraden ontstaan, wat veel liquiditeit vergt en druk zet op de winstmarge. Het is belangrijk om een gezonde balans te vinden tussen beschikbaarheid, leveringszekerheid en het prijskaartje dat daaraan hangt.

Kosten doorbelasten in de keten

De mogelijkheden om gestegen kosten aan afnemers door te berekenen verschillen sterk per bedrijf. Bedrijven die een langdurige strategische relatie hebben met afnemers werken soms met open boekcalculaties waardoor gestegen kosten deels worden gedekt. Andere bedrijven werken met bandbreedtes of hebben contracten die het moeilijk maken om tussentijdse kostenstijgingen door te voeren. Na de coronacrisis en de inval in Oekraïne zijn voorwaarden veelal aangepast, waardoor bedrijven in de voedingsindustrie minder snel een beroep kunnen doen op overmacht. Bovendien staat de betaalbaarheid van boodschappen onder druk, waardoor retailers prijsverhogingen minder snel accepteren. Naar verwachting hebben vooral kleinere ondernemingen meer moeite met het doorberekenen van hogere kosten, bijvoorbeeld doordat zij minder marktmacht hebben.

Verduurzamen nog interessanter

De verduurzaming van de bedrijfsvoering, bijvoorbeeld energiebesparing of elektrificatie, kan door de stijgende energieprijzen nog interessanter worden. Bij energiebesparende maatregelen, zoals isoleren of het vervangen van verouderde apparaten, wordt de onderneming minder gevoelig voor stijgende energieprijzen. Bij elektrificatie, bijvoorbeeld het vervangen van een proces op aardgas door inductie, wordt vaak ook energie bespaard maar gaan vaak gepaard met substantiële investeringen en aanpassingen in het productieproces. Bij elektrificatie is netcongestie vaak een obstakel, maar daar zijn soms oplossingen voor, zoals de toepassing van batterijen. Lees daarover ons uitgebreide rapport over netcongestie.

Lees verder in de foodsector

De Nederlandse foodsector is koploper op het gebied van efficiency en export. Robotisering, digitalisering en duurzaamheid zijn belangrijke thema’s waarop ondernemers zich onderscheiden ten opzichte van veel internationale concurrenten.

Bekijk alle artikelen

Lees ook

Meld je gratis aan voor onze Insights nieuwsbrief

Blijf op de hoogte van onze inzichten, tips en trends

Aanmelden