Prinsjesdag 2026: negen fiscale aandachtspunten voor de dga

Op Prinsjesdag 2026 presenteerde het kabinet zijn fiscale plannen voor 2027. Een deel daarvan was al aangekondigd. Hoewel de voorstellen nog door de Tweede en Eerste Kamer moeten worden behandeld, is het voor directeur-grootaandeelhouders (dga’s) verstandig om nu al vooruit te kijken. In dit artikel zetten we negen fiscale aandachtspunten op een rij die gevolgen kunnen hebben voor je onderneming en privévermogen.
1. Box 2: tarieven blijven gelijk, schijfgrens stijgt
De tarieven in box 2 veranderen in 2027 niet. Over inkomen uit aanmerkelijk belang tot € 69.607 betaal je 24,5% belasting. Voor het inkomen boven deze grens geldt een tarief van 31%. De eerste schijf wordt ten opzichte van 2026 alleen voor inflatie aangepast.
| Box 2-inkomen in 2026 | Tarief | Box 2-inkomen in 2027 | Tarief |
| Tot € 68.843 | 24,5% | Tot € 69.607 | 24,5% |
| Vanaf € 68.843 | 31% | Vanaf € 69.607 | 31% |
Heb je een fiscale partner? Dan kun je het box 2-inkomen in de aangifte onder voorwaarden onderling verdelen. Zo kan de eerste schijf tweemaal worden benut, tot in totaal € 139.214 in 2027. Door optimaal gebruik te maken van het lage tarief kan de besparing op de box 2-heffing oplopen tot € 4.525 per persoon.
Tip: Stem de timing en omvang van een dividenduitkering af op je totale box 2-inkomen en dat van je fiscale partner. Verwacht je in 2027 ruimte in de eerste schijf? Dan kan het fiscaal aantrekkelijk zijn om een dividenduitkering uit te stellen.
2. Vpb-tarieven blijven gelijk, maar belastingdruk kan oplopen
De tarieven in de vennootschapsbelasting (vpb) blijven ongewijzigd: over de eerste € 200.000 winst is 19% verschuldigd en over het meerdere 25,8%. De schijfgrens wordt echter niet aangepast aan de inflatie. Als winsten door prijsstijgingen toenemen, kan daardoor een groter deel van de winst in het hogere tarief vallen. Dit leidt feitelijk tot een geleidelijke verzwaring van de belastingdruk.
Tip: Verwacht je in 2027 een lagere winst? Onderzoek dan of het fiscaal mogelijk en zakelijk verantwoord is om opbrengsten uit te stellen of kosten naar voren te halen.
3. Bedrijfsopvolging: BOR blijft ruim, voorwaarden vragen aandacht
Het pakket Belastingplan 2027 bevat geen nieuwe wijzigingen in de bedrijfsopvolgingsregeling (BOR). De regeling blijft daarmee een belangrijke faciliteit bij de schenking of vererving van een onderneming, bijvoorbeeld binnen de familie of aan werknemers. In 2027 is ondernemingsvermogen tot ruim € 1.500.000 volledig vrijgesteld van schenk- of erfbelasting. Voor het meerdere geldt een vrijstelling van 75%. De BOR is alleen van toepassing als aan alle voorwaarden wordt voldaan.
Tip: Overweeg je je onderneming over te dragen aan kinderen of werknemers? Begin dan tijdig met de voorbereiding en laat beoordelen of de beoogde overdracht aan de BOR-voorwaarden voldoen. De regeling is complex en kan door politieke ontwikkelingen snel veranderen.
4. Lagere overdrachtsbelasting voor beleggings- en vakantiewoningen
Het tarief van de overdrachtsbelasting voor woningen die niet als hoofdverblijf worden gebruikt, zoals verhuurde woningen en vakantiewoningen, daalt in 2027 van 8% naar 7%. Voor bedrijfspanden en ander niet-woningvastgoed blijft het tarief 10,4%.
Tip: Overweeg je een beleggings- of vakantiewoning te kopen? Dan kan uitstel van de overdracht tot 2027 overdrachtsbelasting besparen. Beoordeel daarbij ook de financiering, het verwachte rendement, de keuze tussen privé en de bv en mogelijke wijzigingen in de regelgeving.
5. Excessief lenen: grens blijft € 500.000
Heb je samen met je fiscale partner op 31 december meer dan € 500.000 aan schulden bij je eigen bv? Dan wordt het meerdere in beginsel belast als een fictief regulier voordeel in box 2. Eigenwoningschulden voor jou en je kinderen bij je bv tellen onder voorwaarden niet mee voor deze grens.
Tip: Breng vóór de peildatum je totale schuldpositie bij de eigen bv in kaart en laat beoordelen welke schulden voor de grens meetellen.
Wil je hier meer over weten? Lees ons artikel 'Excessief lenen in 2026'.
6. Fiscaal voordeel voor aandelenopties bij startups en scale-ups
Om werknemersparticipatie bij startups en scale-ups te stimuleren, wordt een nieuwe fiscale regeling voorgesteld voor aandelenopties. Daarbij wordt slechts 65% van het voordeel uit de opties in de loonbelasting betrokken, waardoor de maximale belastingdruk uitkomt op ongeveer 32%. Bovendien verschuift het heffingsmoment naar het moment waarop de aandelen daadwerkelijk worden verkocht. De beoogde ingangsdatum is 1 januari 2027.
Tip: Overweeg je medewerkers te belonen met aandelenopties? Laat dan vooraf beoordelen of je onderneming en de optieregeling aan de voorwaarden voldoen en vergelijk deze vorm van beloning met een reguliere salarisverhoging.
7. Energie-investeringsaftrek stijgt naar 45,5%
Het aftrekpercentage van de energie-investeringsaftrek (EIA) stijgt per 1 januari 2027 van 40% naar 45,5%. Ondernemingen kunnen daardoor een groter deel van investeringen in aangewezen energiebesparende bedrijfsmiddelen en duurzame energie aanvullend aftrekken van de fiscale winst.
Tip: Breng voorgenomen investeringen en besteldata tijdig in kaart.
8. Auto van de zaak: fossiele auto wordt duurder
Vanaf 1 januari 2027 geldt voor werkgevers een pseudo-eindheffing van 12% over de waarde van een niet volledig emissievrije personenauto die ook voor privégebruik ter beschikking staat. De heffing komt voor rekening van de werkgever en geldt naast de reguliere bijtelling bij de werknemer. Voor auto’s die al vóór 2027 ter beschikking zijn gesteld, geldt overgangsrecht.
Ook de regels voor youngtimers veranderen. Vanaf 1 januari 2027 geldt de regeling alleen voor auto’s van 17 jaar of ouder. Vanaf 1 januari 2028 wordt die leeftijdsgrens verhoogd naar 20 jaar.
Tip: Overweeg je een nieuwe auto van de zaak of loopt een leasecontract binnenkort af? Vergelijk dan tijdig de totale werkgeverskosten van een elektrische en fossiele auto, inclusief de pseudo-eindheffing en bijtelling.
9. Nieuwe box 3-wetgeving uitgesteld
De besluitvorming over de nieuwe box 3-wetgeving, waarbij sparen en beleggen op basis van het werkelijke rendement worden belast, is uitgesteld tot het voorjaar van 2027. Hierdoor bestaat het risico dat de nieuwe regels niet per 1 januari 2028 kunnen ingaan en het huidige overgangsstelsel langer van kracht blijft. Onder dit stelsel wordt het box 3-vermogen belast op basis van een forfaitair rendement, tenzij toepassing van de tegenbewijsregeling fiscaal gunstiger uitpakt.
Voor dga’s met vermogen in box 3 blijft het een belangrijk aandachtspunt hoe het vermogen wordt verdeeld tussen de bv en box 3.
Tip: Beoordeel tijdig of de verdeling van je vermogen tussen box 3 en de bv nog fiscaal passend is.
Conclusie
Als dga moet je aan veel dingen tegelijk denken. Door nu al vooruit te kijken en bij een aantal fiscale zaken stil te staan, verminder je de kans op een nare verrassing achteraf. Hopelijk geven de negen besproken punten je hiervoor een goed houvast.
De uitleg op deze pagina is een korte toelichting. Je kunt hieraan geen rechten ontlenen. Raadpleeg voor advies je belastingadviseur of accountant.

