
Nederlanders wonen groot. Gemiddeld heeft een Nederlander 65 vierkante meter tot zijn beschikking, zo berekende het CBS. Ook het aantal kamers per persoon in onze woningen ligt boven het Europese gemiddelde. In de Europese Unie heeft iedereen gemiddeld 1,6 kamers tot zijn of haar beschikking, in Nederland zijn dat 2 kamers.
En dat terwijl Nederland moet woekeren met de ruimte die er is. Landbouw, bedrijfsterreinen, woningen, industrie en niet te vergeten de natuur. Allemaal verdient het een plek op het beperkte Nederlandse grondgebied. Je mag verwachten dat daarom efficiënt met de beschikbare ruimte wordt omgaan, maar dat blijkt niet uit onze ruime woningen.
Een belangrijke oorzaak hiervan ligt in onze Vinex-wijken. In de periode 1995-2015 werden woningen van gemiddeld 129 vierkante meter gebouwd in ruim opgezette wijken. Eengezinswoningen waren daar zelfs gemiddeld 158 vierkante meter. Zelfs in de grote steden werden in deze periode ruime woningen gebouwd, in Amsterdam bedroegen eengezinswoningen uit deze bouwperiode bijvoorbeeld gemiddeld 132 vierkante meter.
Die tijden zijn wel voorbij. De woningen die nu worden gebouwd zijn een stuk kleiner, gemiddeld 118 vierkante meter. Maar dit komt voornamelijk doordat er kleinere appartementen worden gebouwd. Die bedragen nu gemiddeld 71 vierkante meter, terwijl eengezinswoningen nog gemiddeld 149 vierkante meter groot zijn. En daarmee nog steeds veel ruimte innemen.
Om de één miljoen nieuwe woningen die vaak als streefaantal worden genoemd te kunnen bouwen en om ruimte voor andere activiteiten over te houden, moet creatief met ruimte worden omgegaan. Onderzoek van de architecten van KAW toont aan dat met het splitsen van woningen, het bouwen van een extra woonlaag op bestaande wooncomplexen en ander creatief gebruik van ruimte 600.000 nieuwe woningen kunnen worden gebouwd in de steden. Dit onderzoek keek specifiek naar de naoorlogse wijken, maar hetzelfde recept kan worden toegepast in Vinex-wijken; oppervlak genoeg om de schaar erin te zetten.
Deze column verscheen eerder in Cobouw op 8 november 2021
Over de auteur
Madeline Buijs was sectoreconoom Bouw en Real Estate bij ABN AMRO. Zij publiceerde en presenteerde analyses over recente economische ontwikkelingen in deze twee sectoren.
Lees verder in de bouwsector
De Nederlandse bouwsector behoorde de afgelopen jaren tot een van de best presterende sectoren, ondanks verschillende uitdagingen waar de sector mee te maken heeft. Voorbeelden zijn het stikstof-dossier, de forse prijsverhogingen van energie en bouwmaterialen en ook de personeelstekorten. Gedreven door trends, innovaties en wet- en regelgeving groeit de relevantie van thema’s als duurzaamheid en milieu-impact en zoekt de sector zijn weg naar een nieuw evenwicht.