Eerste krimp bouwproductie
Analyse: Bouw

Eerste krimp bouwproductie in jaren

In juni 2019 lag de Nederlandse bouwproductie 4,7 procent lager in vergelijking met juni vorig jaar. Het is voor het eerst sinds oktober 2015 dat de productie krimpt. Het is bovendien een duidelijke trendbreuk. In de eerste vijf maanden van 2019 steeg de bouwproductie nog met 9,8 procent jaar-op-jaar. Ook de omzet van bouwbedrijven moest eraan geloven. Die kromp in juni met 2,3 procent jaar-op-jaar.

Hout- en bouwmaterialenindustrie ging de bouw voor

Begin augustus werd al duidelijk dat de bouwsector op slechte rapportcijfers aankoerste, toen de cijfers over de ontwikkeling van de hout- en bouwmaterialenproductie bekend werden. Die zijn een goede graadmeter voor de ontwikkeling van de bouwproductie. In juni daalde de productie met 5,1 procent in vergelijking met een jaar eerder. Ook de omzet van de hout- en bouwmaterialenproducenten daalde in juni, met 4,1 procent jaar-op-jaar. De bouwmaterialenindustrie kromp harder dan de houtindustrie.

Krimp op alle fronten

Een ander signaal dat de krimp in de bouwproductie en -omzet een keer zou komen, is de ontwikkeling van het aantal afgegeven vergunningen voor nieuwbouw. De belangrijkste oorzaken zijn het capaciteitsgebrek bij bouwers, de hoge bouwkosten waardoor rendabel bouwen steeds lastiger is en de lange doorlooptijden bij gemeentes. Sinds november 2017 daalt het aantal afgegeven vergunningen voor nieuwe woningen en inmiddels neemt ook het aantal afgegeven vergunningen voor utiliteitsgebouwen af. Dit vertaalt zich nu in minder groei. De woning- en utiliteitsbouw kromp in juni met 0,1 procent. In de eerste vijf maanden van 2019 was er nog een groei van 14,6 procent in vergelijking met dezelfde periode vorig jaar te zien. Ook de gespecialiseerde bouwers, vaak onderaannemers bij woning- en utiliteitsprojecten, merken dit. De omzet van afwerkingsbedrijven daalde met 1 procent jaar-op-jaar in juni. De installateurs hebben geen last van krimp, hun omzet steeg – al zij het beperkt – met 0,2 procent in vergelijking met juni vorig jaar. Vooral de omzet van middelgrote woning- en utiliteitsbouwers staat onder druk.

De krimp blijft echter geen enkele andere branche binnen de bouw bespaard. Ook de bedrijven die actief zijn in de grond-, wegen- en waterbouw (gww) behaalden minder omzet in juni. Hun omzet daalde met 10,8 procent jaar-op-jaar in juni. De omzet van kabel- en buizenleggers daalde met 11,5 procent jaar-op-jaar. Zij zijn voor een deel van hun werk afhankelijk van nieuwe woonwijken waar de ondergrondse infrastructuur aangelegd moet worden. Nu de woningbouw hapert, voelen de kabel- en buizenleggers dat ook.

De bouwers van wegen, spoorwegen en tunnels kregen in juni een krimp van 7,8 procent voor de kiezen, in vergelijking met juni vorig jaar. Juni was zeer warm en nat; het was zelfs de warmste junimaand sinds 2001 volgens het KNMI. Het kan zijn dat er hierdoor in de gww minder is gewerkt, omdat dit werk natuurlijk buiten plaatsvindt.

Is krimp het nieuwe normaal?

De vraag is of de krimp van de bouwproductie zal doorzetten. Dit kan zeker zo zijn, maar we verwachten niet dat er elke maand een productie- en omzetafname te zien zal zijn. Wel zal het groeipercentage een stuk lager liggen dan in de eerste maanden van 2019. Wij verwachten dat de groei van de bouwsector als geheel in 2019 uiteindelijk rond de 4 procent uit zal komen. Dat is wel een beduidend lager groeipercentage dan in 2018, toen nog 7,7 procent groei behaald werd.

Tags

Analyse
Bouw