Voorzichtig optimisme ondanks onzekerheid

De financiële markten blijven optimistisch. Aandelenmarkten hebben weer recordhoogtes bereikt, terwijl obligatiemarkten zich hebben gestabiliseerd. Recente handelsakkoorden tussen de VS en belangrijke partners hebben de onzekerheid verminderd. Toch blijven er vragen bestaan over de langetermijngevolgen van importheffingen voor de economie en de bedrijfswinsten. De economische groei in de VS en Europa ligt onder het trendniveau. Maar beide economieën blijven groeien, wat de recessievrees tempert. Tegen deze achtergrond handhaven we onze positionering, met een neutrale weging van aandelen en een bescheiden overweging van obligaties.
- Macro: importheffingen remmen groei
- Aandelen: optimistisch én voorzichtig
- Obligaties: voorkeur voor kwaliteit
Macro: importheffingen remmen groei
De schok van de importheffingen blijft een drukkend effect hebben op de wereldwijde groei, waarbij de heffingen in grote lijnen iets hoger uitvallen dan aanvankelijk verwacht. Maar in de zomer heeft de VS met meerdere handelspartners akkoorden gesloten. Hierdoor is het somberste scenario vermeden en hebben bedrijven en overheden meer duidelijkheid gekregen. De Duitse defensie-uitgaven en infrastructuurinvesteringen zullen de groei eind 2025 en in 2026 ondersteunen. Het herstel van de binnenlandse vraag in zowel China als de eurozone is echter kwetsbaar, door het zwakke vertrouwen. Zowel de VS als de eurozone hebben te maken met een groei die onder het trendniveau ligt, waarbij de inflatie in de VS weer versnelt en die in de eurozone onder het doelniveau uitkomt.
Aandelen: optimistisch én voorzichtig
De wereldwijde aandelenmarkten hebben hun opwaartse trend voortgezet. Ze kregen daarbij de wind in de zeilen door sterke bedrijfsresultaten over het tweede kwartaal, solide winstprognoses en een stabiel marktmomentum. De positieve dynamiek op de markt wordt verder versterkt door de hoop dat de Federal Reserve (Fed) de rente zal verlagen om de economie te ondersteunen. Vorige week, tijdens de jaarlijkse conferentie van centrale bankiers en economen in Jackson Hole, liet Fed-voorzitter Jerome Powell doorschemeren dat de Fed mogelijk de rente zal verlagen tijdens de beleidsvergadering in september. Toch is dit nog geen ‘done deal.’ Veel zal afhangen van economische cijfers die verschijnen voorafgaand aan de beleidsvergadering van de Fed, waaronder inflatiedata en cijfers over de Amerikaanse arbeidsmarkt. Wanneer de belangrijkste cijfers bekend zijn, zullen we onze visie op het rentebeleid van de Fed updaten.
Hoewel de marktomstandigheden gunstig blijven, zijn er nog steeds risico’s die de aandelenrally kunnen dwarsbomen. De waarderingen van aandelen, met name in de VS, naderen historische hoogtepunten en liggen fors boven het langetermijngemiddelde. Bovendien kunnen de importheffingen leiden tot inflatie en een vertraging van de economische groei. Hierdoor kunnen de bedrijfsmarges onder druk komen te staan. Optimistische winstprognoses kunnen dan té optimistisch blijken. Op langere termijn zijn er zorgen over de betrouwbaarheid van belangrijke economische cijfers en over de onafhankelijkheid van financiële instituten. Zo wordt er gevreesd dat de onafhankelijkheid van de Federal Reserve in het geding is en zijn er vragen over het voornemen van de regering-Trump om een belang in Intel te nemen. Deze kwesties zullen op korte termijn waarschijnlijk geen scherpe marktcorrectie veroorzaken. Maar ze kunnen het vertrouwen van beleggers wel geleidelijk ondermijnen. Dit kan leiden tot een lichte stijging van de risicopremies.
Daarom voelen we ons comfortabel bij onze huidige portefeuillepositionering. We handhaven onze neutrale aandelenweging. Ook op regionaal niveau zijn we neutraal gepositioneerd. Dat gezegd hebbend: als er weer onrust ontstaat op de aandelenmarkten dan kan dat een gelegenheid bieden om onze aandelenblootstelling te vergroten. Wel moet de fundamentele economische situatie gunstig blijven.
Obligaties: voorkeur voor kwaliteit
Per saldo bewegen de obligatierentes dit jaar tot nu toe binnen een bandbreedte. De rente op Amerikaanse staatsobligaties (Treasuries) bevindt zich veelal tussen de 4,25% en 4,5%. De rente op Duitse staatsobligaties (Bunds) beweegt tussen de 2,5% en 2,75%. In de VS zien we een stijging van de inflatie en vooral van de inflatieverwachtingen. Maar in de eurozone kan de inflatie volgend jaar wel eens verrassend laag uitkomen. Dit kan leiden tot lagere rentes in de eurozone. Ondertussen zijn de risicopremies op obligaties verder gedaald – behalve in de periode rond ‘Liberation Day’ (april) toen Trump de markten opschrikte met zijn aanvankelijke importheffingen. Inmiddels liggen de risicopremies lager dan aan het begin van het jaar. Dit maakt de waarderingen van risicovollere high-yield obligaties aantrekkelijk.
We handhaven onze bescheiden overweging in obligaties, met een voorkeur voor Europese obligaties van hoge kwaliteit. We blijven voorzichtig ten aanzien van risicovollere obligaties met een hogere rente, zoals high-yield. Wat ons betreft worden beleggers niet voldoende beloond voor het risico dat ze nemen met obligaties in dit segment. Tegelijkertijd handhaven we een licht overwogen duratie (rentegevoeligheid), nadat we deze overweging eerder deze zomer wat hebben verlaagd.
Conclusie
In de financiële markten zien we momenteel twee krachten aan het werk. Aan de ene kant heerst er optimisme vanwege de sterke bedrijfsresultaten en de economische veerkracht. Aan de andere kant is er voorzichtigheid. Die voorzichtigheid komt voort uit de hoge aandelenwaarderingen en uit de onzekerheid over de gevolgen van de importheffingen. Aandelenkoersen zijn verder gestegen in de afgelopen tijd. Maar zoals beleggers wel eens zeggen: het was een beklimming van een ‘wall of worries.’ Het risico van een correctie blijft bestaan, vooral in de VS. Vooralsnog kiezen we daarom voor een neutrale aandelenweging en een bescheiden overwogen positie in obligaties, met een voorkeur voor kwaliteitsobligaties.
ABN AMRO Beleggingscomité
Richard de Groot, voorzitter