Naar de navigatie Naar de inhoud

Uw kind met geld leren omgaan

Als ouder wilt u natuurlijk dat uw kind opgroeit tot een gelukkige volwassene die op eigen benen kan staan. De kennis en vaardigheden om financieel onafhankelijk te worden zijn hierbij onmisbaar. Van jongs af aan met geld leren omgaan is daarom heel belangrijk. Hoe pakt u dat aan? Op deze pagina bespreken we grote en kleine stappen in de financiële opvoeding van uw kind.

Jong geleerd, oud gedaan

Uit onderzoek van het Nibud blijkt dat ouders de belangrijkste leer- en informatiebron van een kind zijn. Kinderen die van huis uit met geld leren omgaan hebben later bijvoorbeeld minder vaak betalingsproblemen en -achterstanden. Ook blijkt dat scholieren die zak- en kleedgeld krijgen meer sparen en minder geld lenen.

Geld bespreekbaar maken

Vind u het lastig om met uw zoon of dochter te praten over geld? Er zijn talloze momenten waarop u uw kind kennis kunt laten maken met geld. De supermarkt is een ideale plek om te starten. U kunt daar prijsverschillen tussen merken van hetzelfde product laten zien. Ook zijn er altijd aanbiedingen en spaaracties om te bespreken. Misschien kan uw kind ook eens helpen bij het afrekenen.

Elke leeftijd een nieuwe uitdaging

Welke kennis en vaardigheden een kind kan aanleren verschilt per leeftijd en per kind. In zijn of haar ontwikkeling komt uw kind steeds op een andere manier in aanraking met geld. Hieronder vindt u de belangrijkste stappen in de financiële opvoeding van uw kind

 

Herkennen, sorteren en ordenen (vanaf 3-5 jaar)

De financiële opvoeding van uw kind begint met het simpelweg herkennen, sorteren en ordenen van muntstukken. Elk kind ontwikkelt deze vaardigheden in zijn eigen tempo, maar tussen de 3 en 5 jaar kunt u hiermee actief gaan oefenen. U kunt in deze fase ook samen spelletjes met geld gaan doen.

 

Zakgeld (vanaf 6 jaar)

Rond de 6 jaar kunnen kinderen munten en biljetten herkennen. Een mooi moment dus om met zakgeld te beginnen. Waarschijnlijk geeft uw kind het geld meteen uit. Dit is heel normaal. Zakgeld is leergeld. U kunt het sparen van een deel van het zakgeld natuurlijk stimuleren. Kies bijvoorbeeld samen iets uit wat uw zoon of dochter graag wil kopen, maar wat meer kost dan het zakgeld.

Naast zakgeld kunt u uw kind extra geld laten verdienen met klusjes in en rond het huis. Door het doen van een 'heitje voor een karweitje' leert uw kind dat geld krijgen niet vanzelfsprekend is.

 

Sparen en plannen (vanaf 7-8 jaar)

Vanaf een jaar of 7 beginnen kinderen te begrijpen hoe sparen werkt. Uw kind leert dat wensen niet altijd meteen vervuld kunnen worden en dat je behoeftes soms moet uitstellen. Een plaatje van het spaardoel naast de spaarpot zetten motiveert uw kind en maakt het doel tastbaar. Begin met kleine spaardoelen en korte periodes, die u vervolgens stap voor stap opbouwt. Door een spaarkaart of spaarplan te gebruiken kunt u samen de groei van het spaargeld bijhouden.

 

Mobieltje (vanaf 9-10 jaar)

Het krijgen van een mobiele telefoon is een uitstekend opvoedmoment voor uw kind. Zoek bijvoorbeeld samen uit wat de beste en voordeligste optie is. Wat voldoet het beste aan de behoefte van uw kind en uw budget? Bespreek de financiële verantwoordelijkheden en risico’s van een mobieltje en maak goede afspraken. Wie betaalt er bij reparatie, verlies of misbruik?

 

Een eigen bankrekening (vanaf 10-12 jaar)

Met een eigen bankrekening ervaart uw zoon of dochter zelf hoe je met digitaal geld omgaat. We begrijpen dat dit voor u waarschijnlijk een grote stap is. Daarom geven wij de ouders bij het beheren van een Jongerengroeirekening de regie. U kunt zelf instellen wat uw kind met de rekening kan en wat (nog) niet. Zo bepaalt u bijvoorbeeld wanneer uw kind een betaalpas krijgt en hoeveel het kan pinnen. Sparen voor uw kind, voor een rijbewijs of een studie, is ook mogelijk.

 

Kleedgeld (vanaf 12-13 jaar)

Op de middelbare school is het tijd voor de volgende grote stap in de financiële opvoeding. Dit is een goed moment om met kleedgeld te beginnen. Pubers willen hun eigen kleren uitkiezen. Dit geeft ze een kans om zichzelf te uiten. Door uw kind te laten oefenen met een beperkt kledingbudget leert het verantwoordelijkheid te nemen en grotere uitgaven te plannen.

 

Bijbaantjes (vanaf 13-15 jaar)

Vanaf 13 jaar mogen kinderen een bijbaantje nemen zoals vakkenvullen, een krantenwijk of oppassen. Het aantal uren dat ze per dag kunnen werken is nog wel beperkt. Meer informatie over jongeren en werk vindt u op de website van de Rijksoverheid.

 

Geld lenen (vanaf 14-16 jaar)

Vraagt uw kind u een bepaald bedrag om iets moois te kunnen kopen? Of voor grotere uitgaven zoals studie of rijbewijs? U kunt dit geld dan ook lenen in plaats van geven. Spreek dan wel goed af wanneer u het bedrag terug wilt hebben en dat uw zoon of dochter een kleine rente moet betalen. Zo leert uw kind het concept van lenen en dat er voorwaarden aan verbonden zijn.

De vrijheid om fouten te maken

Hoe klein of groot een budget ook is, je kunt het maar één keer uitgeven. Dat is een pijnlijke les voor uw kind, maar ook een van de belangrijkste. Bewuste keuzes maken en leren omgaan met verleidingen hoort hier bij. Op = op kan niet jong genoeg worden geleerd.

Kennis over geld is belangrijk, maar uiteindelijk moet uw kind al doende ervaren en leren. Miskopen en financiële blunders maken hoort erbij. Al wilt u die uw kind het liefst besparen, geef hem of haar de vrijheid om fouten te maken. Hoe eerder bepaalde missers worden gemaakt, des te kleiner de kans dat uw kind die fouten later als volwassene maakt.

Tip: al uw rekeningen in beeld

Toegang tot al uw rekeningen via de app

In de mobiel bankieren app ziet u al uw rekeningen bij elkaar.

Met de Mobiel Bankieren app heeft u toegang tot uw betaal-, spaar- of beleggingsrekeningen. Ook de betalingen van uw ABN AMRO Credit Card kunt u bekijken. Zo heeft u altijd overzicht, waar en wanneer u wilt.