Naar de navigatie Naar de inhoud

R

  • Random selectie

    Willekeurige selectie. De manier waarop een beurs of een bank de schrijver van een optie aanwijst (assignment) om de onderliggende waarde te leveren bij een geschreven calloptie of om de onderliggende waarde af te nemen bij een geschreven putoptie.

  • Rating

    De rating van een bedrijf is een soort kwaliteitskeurmerk. Een rating wordt afgegeven door een Rating Agency dat kijkt naar het kredietrisico van een bedrijf. Rating is een belangrijk middel om het risico van obligaties in te kunnen schatten. Hoe beter de kredietwaardigheid van een bedrijf, hoe lager het risico dat een belegger zijn geld of rente niet terug krijgt. Een rating wordt meestal uitgedrukt in letters. AAA is de hoogste rating en betekent uitstekende kwaliteit. Met de ratings AA, A, BBB, BB, B, CCC, CC, C tot D wordt de kwaliteit minder. Bij D is het bedrijf failliet. De groep van AAA tot en met BBB heet de investment grade. De kwaliteit van deze bedrijven of instellingen is voldoende om in te beleggen. Vanaf BB is de kredietkwaliteit onvoldoende en wordt de kans steeds kleiner dat de belegger zijn geld terugkrijgt. Deze groep noemen we non-investment grade, high yield of junk bond.

  • Rating Agency

    Een Rating Agency is een organisatie die de beoordeelt of bedrijven kredietwaardig (financieel gezond) zijn en op basis van die beoordeling ratings afgeeft. Een Rating Agency wordt ook wel een kredietbeoordelaar genoemd. Bekende Rating Agencies zijn:

    • Standard & Poor's
    • Moody's Investors Services
    • Fitch Ratings.
  • Realtime koersen

    Realtime koersen zijn koersen die in een koersinformatiesysteem direct op het beeldscherm verschijnen zodra er is gehandeld.

  • Recessie

    Economische teruggang. Van een recessie is sprake als de economie 2 kwartalen achter elkaar niet groeit.

  • Recht op dividend

    Een belegger in aandelen heeft recht op dividend als hij bij het sluiten van de markt op de cum dividenddatum de aandelen in zijn bezit heeft. De cum dividenddatum is de beursdag voor de ex-dividenddatum.

  • Record-date

    De datum waarop aandeelhouders de aandelen in hun beleggingsportefeuille moeten hebben om recht te hebben op dividend (winstuitkering) van die aandelen.

  • Reglement voor de effectenhandel

    De door de Vereniging voor de Effectenhandel vastgestelde bepalingen voor de handel in effecten op de Amsterdamse effectenbeurs.

  • Remisier

    Een zelfstandige vermogensbeheerder of adviseur die vermogen beheert voor klanten die dat vermogen bij een bank hebben ondergebracht.

  • Rendement

    Rendement is de opbrengst van een belegging of investering. Deze opbrengst is een percentage van het bedrag dat belegd of geïnvesteerd is. Een investering van € 1.000,- die € 100,- opbrengt in een jaar tijd, heeft een rendement van 10%. Bij obligaties en aandelen is het rendement iets ingewikkelder door de hoogte van de koopprijs. Een obligatie met een waarde van € 1.000,- en een jaarlijkse rente van 8% met een koopprijs van 98%, heeft een rendement van 8/98 = 8,16%.

  • Renterisico

    Het risico van veranderingen van de rente in de markt. Rente is de prijs voor het lenen van geld. Stijgt de rente? Dan daalt de prijs van obligaties. Hierdoor zal het rendement van deze obligaties hetzelfde zijn als dat van een nieuwe obligatie die wordt uitgegeven op de primaire markt tegen de nieuwe hogere rente. Ook de prijzen van aandelen dalen als de rente stijgt. Omdat bedrijven meer rente moeten betalen op leningen.

  • Retailbanking

    Dienstverlening van banken aan particulieren.

  • Reverse convertible

    Engels voor een omgekeerde converteerbare obligatie. Bij een gewone converteerbare obligatie heeft de belegger het recht om de obligatie op een bepaald moment voor aandelen om te wisselen. Bij een omgekeerde converteerbare obligatie (reverse convertible) beslist een onderneming of zij de obligatie in geld of in aandelen aflost. In de praktijk gebeurt dit als de aandelenkoers zakt. Daarom loopt een belegger meer risico. In ruil voor dit hogere risico krijgt hij een hogere rente. In de productvoorwaarden van de obligatie staat onder meer wanneer een onderneming mag aflossen in aandelen.

  • Reverse exchangeable

    Dit is een omgekeerde converteerbare obligatie, maar anders dan bij een reverse convertible kan een bedrijf bij een reverse exchangeable aflossen in andere aandelen dan die van het bedrijf zelf. Zie ook: reverse convertible.

  • Reverse split

    Dit is een omgekeerde splitsing van een aandeel. Stel de reverse-split is 2:1 en de belegger heeft 100 aandelen van een bedrijf. Dan heeft de belegger na de reverse-split geen 100 maar 50 aandelen. De prijs van het aandeel wordt dan met 2 vermenigvuldigd. De belegger houdt dus dezelfde waarde in zijn beleggingsportefeuille.

  • Rho

    De rho van een optie geeft aan hoeveel de waarde van de optie naar verwachting zal veranderen als de rente verandert. 

  • Risico-aversie

    We noemen beleggers risico-avers als zij niet erg bereid zijn om risico te nemen of als ze voor dat risico een hogere vergoeding eisen.

  • Risicopremie

    Risicopremie is het rendement dat een belegger op een belegging of investering eist minus de risicovrije rente. Met de risicopremie ziet een belegger hoe hoog de vergoeding is voor het lopen van risico op een belegging. De risicopremie wordt veel gebruikt bij de analyse van obligaties.

  • Risicoprofiel

    Het risicoprofiel geeft de verhouding weer tussen het rendement dat een belegger met zijn beleggingen wil halen en het risico dat daarbij hoort. Voordat iemand gaat beleggen, maakt een bank of tussenpersoon een beleggersprofiel op basis van de volgende gegevens van de belegger:

    • financiële positie
    • beleggingsdoelen
    • bereidheid om risico te lopen
    • kennis van beleggen en ervaring.
    Binnen het beleggersprofiel bepalen de financiële positie, de beleggingsdoelen en de bereidheid om risico te lopen het risicoprofiel van een belegger. Het risicoprofiel kan veranderen, bijvoorbeeld als de persoonlijke situatie van een belegger verandert.

  • Risicovrije rente

    De rente die de meest kredietwaardige partners elkaar in rekening brengen. Vaak wordt de rente op staatsobligaties als risicovrije rente gerekend.

  • Roll-over

    Bij een roll-over wordt een optiepositie gesloten en opnieuw geopend op een latere expiratiemaand en/of tegen een andere uitoefenprijs. Een ander woord voor roll-over is doorrollen.

  • Round lot

    Order in gebruikelijke aantallen of afgeronde bedragen. Veel gebruikt in Canada en de VS waarbij gewoonlijk in aantallen van 100 gehandeld wordt. Zie ook: odd lot.

  • Royement

    Bij een royement wordt een beurstransactie doorgehaald/geschrapt. Royement kan ook betekenen dat een certificaat wordt ingetrokken tegen uitgifte van originele aandelen.

Blijf op de hoogte via

  • Volg ons via Facebook
  • Volg ons via Twitter
  • Volg ons via Linkedin
  • Volg ons via YouTube
  • Nieuwsbrief