Samenwerking in de keten nodig
Klantverhalen: Agrarisch

Samenwerking in de keten nodig

Terwijl Luuk Rijnen uitlegt met welke zorg hij zijn varkens met de hoogste gezondheidsstatus opfokt in zijn moderne stal knikt zijn vader Bert goedkeurend.” We moeten naar een beter verdienmodel”, vindt hij. “Anders lopen we achterstand op ten opzichte van de rest van de wereld.” Twee boeren, één verhaal. Varkenshouderij heeft alleen recht van bestaan als deze eerlijk, uiterst netjes en duurzaam is.

Nog niet het flauwste idee had hij van de reizen die hij zou maken als bestuurslid van Topigs Norsvin en dat hij in Spanje een bedrijf zou opzetten. Of dat hij 6.000 gezinnen zou voorzien van groene stroom via de biogasinstallatie van Eco-Energy Oirschot bv. Dit alles gebeurde in een tijdsbestek van ruim dertig jaar. En over dertig jaar zal de varkenswereld er weer totaal anders uitzien.

CO2 footprint

Met Sectorspecialist Varkenshouderij Robert Stienen bespreken vader en zoon de vervolgstappen die nodig zijn om van de varkenshouderij in Nederland een duurzame, bestendige sector te maken. De druk vanuit de samenleving is groot. Varkensboeren zullen hun activiteiten open en eerlijk moeten communiceren, of het nu over dierenwelzijn gaat of om emissie van fijnstof, ammoniak of CO2.

Luuk streeft efficiënte en gezonde productie na. Na voltooiing van de nieuwbouw in Diessen is er plaats voor 10.000 vleesvarkens. “We hanteren er een high-care hygiëneprotocol, zoals dat ook in ziekenhuizen gebeurt”, vertelt hij. “We proberen de dieren volledig ziektevrij te houden.” Het medicijngebruik kan hierdoor nagenoeg achterwege blijven.

“Wie moet het initiatief nemen om voor deze manier van intensieve varkenshouderij ook maatschappelijke acceptatie te krijgen”, vraagt Stienen zich af. “Dat moeten wij zelf doen”, antwoordt Bert. “We moeten het energieverbruik reduceren, uitstoot van fijnstof en ammoniak terugbrengen en onze CO2 footprint verkleinen.”

Om die CO2 footprint in beeld te brengen loopt het bedrijf mee in een pilot van tien agrarische bedrijven die hun activiteiten laten doorlichten door Ecochain. ABN AMRO is partner in dit project en wil daarin een pioniersrol vervullen. Stienen: “Ecochain brengt in beeld waar nog energiebesparing en winst is te behalen. Wij maken het vervolgens mogelijk om eventueel benodigde investeringen gunstig te financieren.”

Het blijkt nog niet zo eenvoudig om de juiste kaders te vinden voor het berekenen van de CO2-footprint, heeft Rijnen inmiddels ondervonden. Het is een ingewikkeld proces, dat stapje voor stapje een beweging naar voren maakt. Vanuit de ketengedachte is ook vleesproducent Vion hierbij betrokken.

Beter verdienmodel

“De varkenshouderij ligt niet alleen onder druk vanuit de maatschappij, maar ook vanuit het buitenland”, weet Stienen. Bert heeft een uitgesproken mening over verbeteren van Nederlandse verdienmodellen. “In het buitenland zie ik hoe ketens zich ontwikkelen. Daarop moeten wij een antwoord formuleren. Ik ben een grote voorstander van ketenproductie met langjarige afspraken en samenwerkingsmodellen, waarbij iedere partner zijn eigen rol heeft en waarbij de kosten en risico’s eerlijk worden gedeeld.”

Als ketenpartners voor de varkenshouder noemt hij de voerleveranciers, leveranciers van genetica, veterinaire specialisten, maar ook specialisten in verwaarding. “Ik zie bijvoorbeeld dat Spaanse bedrijven afspraken maken voor vijf jaar, waardoor meer rust ontstaat. Als wij dat niet gaan doen lopen we achterstand op ten opzichte van de rest van de wereld. Het is echt nodig dat we als sector over onze eigen schaduw heen stappen.”

Waarom vader en zoon hun nek uitsteken om steeds weer de discussie op te zoeken? “Ik heb een belofte gedaan aan mijn kinderen om een gezond en duurzaam businessmodel achter te laten, vanuit een innerlijke drive”, besluit Bert Rijnen.